Lix schreef:
//Lix\\
Ik glimlachte flauwtjes om het eerste wat ik hoorde toen ik weer wakker werd. Alles voelde anders aan, maar ik negeerde het. Het was een lange stilte, maar een stilte waarin ik na kon denken. Waarom was ik zonet flauwgevallen? En waarom voelde ik me nu zo raar? Alles voelde anders aan. Ik had het idee dat ik alles om me heen voelde, van Logan tot de stofdeeltjes in de lucht. Ik had hier over gelezen; een voorbeeld was Emma Frost. Telepathie en haar huid van diamand maken; twee mutaties. Ze had een secundaire mutatie ontwikkeld. Vermoeid wreef ik over mijn achterhoofd. 'Is dat hoe je me begroet na jaren?' Ik keek Logan aan. 'En ik kom hier niet voor jou.' Ik vertikte het om 'vader', 'pap' of wat ook in die richting kwam, tegen hem te zeggen. Hij liet me achter bij mijn moeder in Duitsland. Ik weet nog wel hoe dat ging.
- 'Schat, we gaan op reis.' Ze glimlachte, maar er zat verdriet achter haar glimlach. In Amerika liet ze me achter in een weeshuis, omdat ze wist dat mijn vader in dat continent zat en wist dat ik meer om hem zou lijken. Wat moest zij met een mutantenkind? Tien jaar verstreek en ik werd opgehaald door een man genaamd William Stryker. Ik dacht dat ik eindelijk een thuis zou krijgen, niet dus. Wapon X was ontsnapt, ik was hun tweede kans. Ze hadden het project herbouwt en ik heb zes jaar voor Hydra, hun operatie, gewerkt. Tot ik ook ontsnapte. Daarna heb ik een jaar in Las Vegas gewoond, tot ik besefte dat ik hulp nodig had. Daarom was ik daar. Maar ik zou hem, de man die mij had achtergelaten, nooit als mijn vader zien.
//Kurt\\
Ik schrok toen ik opzij werd geduwd. 'Vas dat maar zo makkelijk,' mompelde ik. Ik kon mijn accent niet zomaar naar wil veranderen. Twijfelend bleef ik staan. Moest ik naar haar toe? Ik dacht het niet, ik kon haar niet eens. Het enigste wat ik zou doen, was haar afschrikken. Logan leek haar te kennen, dus leek het me verstandig om me er niet mee te bemoeien. Ik wou me omdraaien, maar wist niet wat ik anders nog te doen had. Even keek ik naar Mystique en naar de menigte die zich gevormd had, bereid op een gevecht. Het was allemaal onnodige geweest. Het was gewoon een meid, opzoek naar iets onvindbaars. Ik had het gewoon in haar ogen kunnen zien. Ze zocht naar hoop, iets wat nauwelijks toch te vinden was in een wereld met mensen die bang zijn voor de dingen die ze niet kennen. Ik zuchtte. Ik was hier ook, omdat professor X mij hulp aanbood. Mij hoop gaf. Ik hoopte dat wij hetzelfde voor haar konden doenn.