
Om mee te kunnen praten op het forum dien je ingelogd te zijn.Nog geen account? Klik hier om een gratis account aan te maken.
Competities < Virtual Popstar Eerste | Vorige | Pagina: | Volgende | Laatste
18
19
18
15
'' zei vicky maar nie te hard anders zou stefanie het horen de volgende dag ging ze naar de modeshow met haar vrienden ''zometeen ben ik aan de beurt'' zei stefanie. vicky kroop zachtjes in de bosjes daar was ze stefanie op het podium.... toen ze klaar waren ging stefanie naar haar privekamer maar toen ging de deur open en het was..........VICKY!!! stefanie zei '' heey wat doe jij hier wil je mee een milkshake drinken met m'n vrienden ?'' ''ja misschien maar eerst wil ik dat je mee komt'' zei vicky oke... zei stefanie ze gingen ergens naartoe waar het heel erg eng was en ook nog ver stefanie zei '' waarom zijn we hier?'' vicky zei nou dat zie je later wel kom mee hupp ze waren in een lege kamer stefanie zei ''en wrm zijn we hier?'' vicky zei ''weet je? door jou heb ik geen vrienden op school daarom neem ik wraak
'' stefanie zei wacht maar....te laat vicky had de deur al opslot gedaan.... 1 maand geleden stond er in de krant ''de beroemde popster is kwijt hebben jullie haar gevonden neem dan snel contact op'' en de titel van de krant was DE VERLOREN POPSTER....
9
12
9
9
19
17De verloren popster
Dit verhaal gaat over een popster. Je denkt nu vast aan iemand die erg graag beroemd wil worden en die dat uiteindelijk ook wordt en dan is het eind goed al goed. Dit is niet zo’n verhaal. Oh nee, deze popster is letterlijk verloren en ze weet niet waar ze heen moet. Laten we even terugkijken in het verleden.
Het was een mooie dag. Vandaag stonden al Alisons Chinese fans klaar om naar haar concert te gaan. Alison was alleen nog niet aangekomen. Maar no worries, er is nog een hele dag de tijd.
“Mag ik alsjeblieft wat frisdrank en chips? Ik stik van de zenuwen en dan heb ik suiker nodig. Slechte gewoonte,” jammerde ik. “Komt eraan!” riep Jason opgewekt, één van de bandleden van mijn band. Hij had kort bruin haar en droeg altijd leuke kleding, alsof hij zo uit een magazine gestapt was. Over magazines gesproken, ik las nog wat magazines door. Geen Jason, maar wel... ik? Dat is nieuw. Ik sta normaal nooit in tijdschriften. Terwijl ik Jason zag terugkeren, bladerde ik het tijdschrift door naar het artikel genaamd ‘Crazy For Alison’. ‘Crazy For You’ is één van onze nummers, leuke woordspeling hoor. Ik begon te lezen. Mijn ogen werden groot. Iemand heeft geprobeerd ons vliegtuig te saboteren. Nou ja, ik leef toch nog. Hopelijk blijft dat dan ook. Met nog steeds grote ogen gaf ik het artikel aan Jason en hij gaf me de chips en de frisdrank. Ook zijn ogen werden groot. En ja, toen gebeurde het. “Gelieve te gaan zitten, we moeten een noodlanding maken. Er is een technisch probleem, geloof ik.” Ik keek Jason aan en klikte gauw de gordel dicht. De rest van de band en de andere aanwezigen volgden mijn voorbeeld. Toen was er een zwart beeld, rare geluiden en vreemde geuren.
Meer herinnerde de arme Alison zich niet meer. En toen zat ze in een bos. Ze wist niet waar ze was, niemand wist waar ze waren. Ze hadden ook geen bereik en er was geen levend wezen te zien. Wat vreemd. En over een uur moesten ze optreden! Jammer voor de Chinese fans en misschien de andere fans bij wie ze nog op visite moesten. Ach ja, nu is overleven het belangrijkste, toch?
We waren nu al drie uur aan het lopen, ik was het echt beu. “Volgens mij zijn we hier al geweest!” zei Niels. “Volgens mij niet, hoor,” ontkende Vincent. “Misschien moeten we een spoor achterlaten, anders vinden we nooit de weg!” stelde ik voor. “Bedoel je zoals Hans en Grietje? Dat werkt niet. Het beste wat we nu kunnen doen is eten zoeken terwijl we verder lopen. Opzoek naar leven en een overnachtplaats. Het is al bijna avond in het land waar we nu zitten. In welk land zitten we eigenlijk?” vroeg Jason. “Geen idee,” antwoordden Niels en Vincent bijna in koor. We werden een paar uur na de crash wakker. Er lagen een paar lijken, onder andere van de piloot en één van de mannen van de geluidsinstallatie. Ik kende hen niet echt. De rest was spoorloos verdwenen, alsof ze dachten dat we ook dood waren. Niels en Jason waren al wakker toen Vincent en ik wakker werden. Ze wisten blijkbaar dat we nog leefden. Een krakende tak in de verte schudde me uit mijn gedachten. We draaiden ons allemaal geschrokken om. Stiekem hoopten we allemaal op een mens, die in vrede kwam natuurlijk. Maar nee, het was een varken. Verbaasd keken we elkaar aan. Jason nam als eerste het initiatief en hij liep erheen. Vreemd genoeg liep het varken niet weg. Jason keek ons aan. “Wat doen we ermee? Doden en opeten?” Het idee alleen al, iel. Ik kreeg kippenvel en ik keek Niels en Vincent aan. “Als dat de enige manier is, oké,” zei Niels met een vies gezicht. “Oké, ik wil niet kijken,” zei ik gauw. “Ik zal al takken verzamelen om hem te braden.” Meteen kreeg ik spijt. Het arme varken. Wat doet een varken eigenlijk in een bos? Ik begon takken van de grond te rapen. Dat bleef ik voor een kwartier doen. Als ik genoeg takken verzameld had, besloot ik terug te keren. Ik draaide me om en keek waar de jongens waren, maar helaas... ik zag niemand. Ik begon te vloeken. Ik was verdwaald! Oké, dat waren we al, maar nu ben ik alleen verdwaald. Ik probeerde sporen te vinden van mijn voetstappen, maar dat was tevergeefs. Wat nu? Roepen? “Jasooooooooooon! Nieeeeeeels! Vinceeeeeeeeeeent!” Een paar vogels fladderden weg. Ik luisterde aandachtig, maar ik hoorde geen antwoord. Als ik ging stappen, kon ik hen misschien terugvinden, maar misschien geraakte ik wel verder verdwaald. Het was hopeloos. Ik ben hopeloos. “Jasooooooooon!” probeerde ik nog eens. Weer geen antwoord. Ze zullen toch door krijgen dat ik weg ben? Hopelijk dan. De zon begon al onder te gaan. Ik keek verloren om me heen en zakte neer op de grond. Huilend legde ik de takken naast me neer, op een net stapeltje. Ik verborg mijn betraand gezicht in mijn handen en voor ik het wist... viel ik in slaap.
Als ik wakker werd, rook en hoorde ik regen, maar ik was niet nat. Geschrokken schoot ik overeind. Ik lag onder een soort afdak en op een stuk plastic, helemaal droog. Plastic? Dat betekent leven! Wacht, wie had me hierheen gebracht? Ik stond snel op en liep de minihut uit. Daar zaten Jason, Niels en Vincent een stuk varken te eten. “Hee Alison, je was in slaap gevallen een eind verderop. We hebben je hierheen gebracht en ondertussen al een hut gebouwd tegen de regen en het varken gebraden. Wil je ook een stukje?” vroeg Jason. Ik knikte en pakte het stuk varken aan dat Jason me gaf. Het zag er echt vies uit, maar ik stierf van de honger. Terwijl de zon langzaam zakte, aten we met z’n vieren het varken bijna helemaal op. “Ik zal wel opruimen. Jullie hebben al genoeg gedaan. Ga maar slapen!” zei ik. “Ik help je wel,” offerde Jason zich op. Ik glimlachte. Stiekem hoopte ik al dat iemand me zou helpen. Terwijl Vincent en Niels probeerde te slapen en uiteindelijk ook in slaap vielen, ruimden Jason en ik de spullen op en zochten plastic om het overige varken in te rollen. “Denk je... dat we hier nog weg geraken? Dat hier leven is? Dat iemand ons al zoekt?” vroeg ik, een beetje bang. “Ik weet het niet, eerlijk gezegd. Ze hebben sowieso wel door dat we er niet zijn en hopelijk weten ze ook dat het een vliegtuigcrash is. Misschien staan ze hier morgen al of misschien moeten we hier voor eeuwig leven. Waarschijnlijk het eerste hoor,” lachte Jason. “Ik hoop het. Ik wil onze fans niet teleurstellen.” “Ik ook niet, ze zullen nu wel verdrietig en boos zijn,” zuchtte Jason. Ik zuchtte ook. “Moeten we de wacht houden of zo? In films doen ze dat toch altijd?” lachte ik. “Ik denk dat dat het beste is ja. Maar ga jij maar slapen hoor, ik doe het wel alleen,” antwoordde Jason. Ik schudde mijn hoofd. “Als hier varkens rondlopen, wie weet wat nog allemaal.”
En zo hielden ze samen de wacht, de hele nacht. Ze lachten, waren gelukkig. Ook al waren ze verdwaald, verloren. Ze hadden elkaar en dat vonden ze het belangrijkste. Wanneer het ochtend werd, ontbeten ze met z’n vieren en daarna gingen Jason en Alison nog even slapen.
“Ik zie een kerktoren!” hoorde ik Niels roepen, die samen met Vincent een eind verderop van Jason en mij liep. Ik keek naar Jason en haalde opgelucht adem. We hadden alweer 3 uur gewandeld en ik was echt dood. Het varken was ondertussen al helemaal op. Jason en ik begonnen te lopen zodat we de kerktoren ook konden zien. En ja, daar was hij. Een witte kerktoren met een zwart dak. Jason en ik waren zo blij. We gaven elkaar wijd glimlachend een knuffel.
Toen we bij de kerktoren aankwamen, gingen we een hotelletje binnen. Daar mochten we iemand bellen en we mochten er ook even gaan uitrusten tot iemand ons kwam halen. We moesten de data van onze tour een beetje verschuiven, maar we hebben onze concerten nog wel gegeven. Het is nu een jaar later en Jason en ik zijn een stelletje. De band bestaat nog steeds en we zijn onze volgende tour al aan het plannen. Kom jij ook naar ons volgende concert?
20
14
18
14
12
Om nieuwe berichten te laden: ingeschakeld
