Melia schreef:
Jelena:
Mijn hart bonst sneller als ik geritsel hoor. Uriah telt af. 'Rustig blijven.' fluister ik in mezelf. Het monster komt tevoorschijn vanuit het struikgewas. Ik spring achteruit en doe hetzelfde met mijn handen als daarnet, maar nu geconcentreerd en beter. Ik heb besturing over het water en doe het ruw op het monster. Het water dat tegen het ijzersterke lichaam van het monster botst maakt een luid lawaai. Het monster komt afgelopen. Ik herhaal weer wat ik deed, maar dit keer nog iets beter. Het monster glijd achteruit. Er staan krassen in de grond van zijn klauwen. Het monster wordt woest en komt op me afgelopen. Hij steekt zijn klauw uit. Er loopt bloed over mijn wang. Ik bibber lichtjes maar geef het niet op. Ik moet dit kunnen. Ik ontwijk een 2e klauw en spring terug achteruit. Ik probeer me weer te concentreren op het water. Er komt weer water uit de grote, houten emmer, ik doe weer een aanval. Het monster valt achterover, maar is nog helemaal niet dood. Het begint te brullen en loopt op zijn snelst. De wonde op mijn wang begint pijn te doen. Er rolt een traantje over mijn wang. Uriah wil ingrijpen maar ik houd het tegen. 'Ik moet het kunnen. Koste wat het kost.' zeg ik en veeg het ene traantje weg. Mijn doorzettingsvermogen is groot. Misschien iets té groot? Het monster komt weer op me afgelopen. Hij klauwt op mijn verbandje rond mijn arm waardoor mijn kras die er al stond nog erger is. Het bloedt erg hevig. 'Auww.' schreeuw ik. Ik zak door mijn benen. Ik wil rechtstaan, maar het lukt niet, de pijn is te sterk. Ik heb geen kans meer. Het monster steekt weer hevig zijn klauw uit maar raakt me raar genoeg niet. Ik probeer op te kijken. Het monster brult en probeert me weer te doden. Maar zijn klauw raakt me niet. Alsof er een soort krachtveld rond me is. Het monster is het zat en gaat weg als hij door heeft dat hij me niet kan raken. De pijn maakt me duizelig waardoor ik bewusteloos val. Ik zie juist nog wazig Uriah komen maar daarna wordt alles zwart voor mijn ogen.