TaylorSwift333 schreef:
Evil Defences:
(hoofdstuk 3) : The end of the game:
Ik was blij toen ik terug in mijn hut was, rust kon ik nu zeer goed gebruiken . De volgende morgend stond ik al zeer vroeg op en begon in het bos te jagen, toen hoorde ik de hoorn en ik begon te rennen. Na 5 minuten rennen botste ik tegen iets op. Ik keek en het was het andere meisje. Ze wou met haar mes naar me uithalen maar ik ging op zij. Ik spande mijn boog al aan. ze gooide haar mes naar me toe ik dook weg , juist op het moment dat ik mijn pijl los liet. Deze raakte haar been, en ze zakte naar beneden. "Goed, goed dan, dood me nu, je bent gewonnen, ik geef het op." zei ze. "Maar ik wil helemaal niet winnen. Ik weet nog niet eens waarvoor dit goed is . " zei ik . "Wil je niet terug naar je ouders en de rest van je familie?" vroeg ze. Tuurlijk wel, ze schudde haar hoofd en zei: "Dan doe ik het." Voor ik haar kon tegen houden hief ze haar laatste mes op en stak zichzelf in haar hart. Dit meisje ging ik waarschijnlijk nooit kunnen vergeten. Ik bracht haar naar de hut in het midden, het duurde lang voor ik haar daar kreeg en mijn rug begaf het bijna , maar op het laatste moment stapte ik juist de drempel van het hutje over en de begeleidster hielp me.
Ik ruste effe uit en toen pas herinnerde ik me dat de begeleidster had gezegt dat ze er vertrouwen in had dat ik ging winnen. "U heeft me doen winnen hé?" zei ik. "Nee hoor, dat deed je zelf. Je bent sterk hoor. En dat weet je ." zei de begeleidster. Ik kon terug naar huis. "Waarom moest iedereen hiervoor sterven?" vroeg ik maar ik kreeg geen antwoord. Ik vroeg me nog steeds af wat er hier aan de hand was. "Het eerste wat we nu met je gaan doen is ergens naartoe gaan waar je je kan verfrissen en een beetje op krachten kan komen." zei de vrouw. Ik spruttelde natuurlijk niet tegen. Ze hielp me weer recht en ik ging met haar mee naar de auto. Iemand had die weer geparkeerd naast het hutje. De vorige dagen had het hier helemaal niet gestaan.
Toen we eindelijk aankwamen waar ze me naartoe wou brengen was het eerste dat ze me deed doen een bad nemen. Nadat ik een bad genomen had kwam ik de trappen van het gebouw terug af en begeleide ze me naar een andere kamer.
Ik werd naar de eigenlijke eetzaal gebracht. Maar het enige wat ik voorgeschoteld kreeg was 2 biscuitjes die er ook maar magertjes uitzagen. Ik vroeg me af waarom ik maar zo weinig kreeg . Ik stierf bijna van de honger. Maar ja, ze zal het wel beter weten zeker. "Ik weet wel dat je meer wilt eten maar we willen niet dat je alles overgeeft." zei de begeleidster. Oh daarom was dat dus. "Je zult nog een paar dagen hier moeten blijven voor herstel , en dan zullen we je brengen naar je thuis." zei de begeleidster. Thuis? Ik mocht dus terug naar huis? Het kon niet mooier.
Ik vroeg me wel af hoe lang een paar dagen waren. Toen kwam iemand met een doosje af. "Neem dit maar, je hebt maar een klein beetje nodig voor vandaag. Het is een zalfje voor je wonden. " zei de begeleidster. Ik nam het dankbaar aan. Toen die persoon weg was nam ik een beetje op mijn vinger en smeerde het op mijn wondes, eerst mijn wang , dan mijn arm. Het prikte verschrikkelijk, maar dat bewees dat het zou moeten helpen.
Eerlijk duurde die dag nog lang, ik dacht dat er al 52 uren voorbij waren toen het eindelijk 8 uur s'avonds was en ik toch zeer moe was. Ik werd naar een kamer geleid waar ik kon gaan slapen, het had het mooiste bed dat ik ooit gezien had. Die nacht viel ik als een blok in slaap waardoor ik de volgende dag fris en monter kon opstaan.