Carstairs schreef:
Katheryne sleepte zonder enige moeite de jongen mee naar het instituut. 'Dat zie je vanzelf wel, meekomen nu,' siste ze geïrriteerd naar de jongen. Stelden alle mundanes zoveel vragen? Ze hoopte van niet, ze kon daar namelijk totaal niet tegen. Steeds sneller lopend, bracht Katheryne de jongen naar het instituut. Het gebouw zag er op het eerste gezicht vervallen en oud uit, maar niets was minder waar. Dat was slechts een vermomming voor de buitenwereld, zodat er niet zomaar mundanes naar binnen liepen. Rondom de oude kerk leek het net alsof er allemaal onkruid groeide, maar in feite waren het allemaal onbekende kruiden waarvan Katheryne niet eens alle namen kenden, en dat terwijl haar vakgebied juist in herbologie was.
Ze trok de jongen, die met open mond naar het gebouw stond te kijken, met zich mee naar binnen. De onderste verdieping was oud en muffig, om, zodra er toch zomaar verdwaalde mundanes binnenkwamen, de schijn van een vervallen kerk op te houden. 'We zijn in het instituut,' zei ze met een geïrriteerde zucht. Zijn blik was blijkbaar gevallen op de lift, die zich in het midden van de ruimte bevond. 'Dit is ook geen kerk, dombo.'
Ze trok hem mee richting de lift en duwde hem er niet al te subtiel in. De deur sloot zich, nadat Katheryne op het knopje van de eerste verdieping had gedrukt met haar stele. Soepel zoefde de lift omhoog en hield halt op de eerste verdieping, die in de bibliotheek van Delain uitkwam. Katheryne stapte uit en de jongen volgde haar. Ondertussen was hij dichterbij haar gaan staan. Had die jongen soms nog nooit van persoonlijke ruimte gehoord? vroeg ze zich af. Delain bevond zich achter zijn bureau, aan de andere kant van zijn bibliotheek.
'Delain, deze mundane kwam ik tegen toen ik op patrouille was. Blijkbaar kan hij ons en de Demons zien,' zei de tegen de man, die verschrikt opkeek.