Ik stond nog halfslapend op en liep teon naar een koffie naar buiten toe. Ik had weing vooruitzicht voor vandaan, maar een boswandeling kon geen kwaad doen.
ik werd wakker en zuchtte even. Het oefenen kwam straks. Ik kleedde me aan. En ging baar beneden. Ik zag mijn zus Elise. Hey Elise. Hey Anna. Goedemorgen gaapte ik.
Ik liep et pad op wat naar het bos toe leidde en keek even om mij heen. Het zag er toch echt mooi uit en de luhct rook fris. Ik kwam aan bij het begin en liep door
Ik kon latidj genieten van het bos, en ook deze keer stelde het bos mij niet teleur in de sfeer die hij mij mee gaf. Toch kreeg ik een onwennig gevoel.
ik besloot even naar mijn bff Elken te gaan. Ik vloog naar haar toe en belsde aan. Hey Ellen hoe is het? Goed zei ze glimlachend. Mag ik binnenkomen vroeg ik? Ja hoor. De rest is er al zei ze. Met de rest bedoelde ze Emma Yelien Eline en Tessa.
Er klom een eekhhoorn in een boom omhoog en Riker glimlachte e rnaar. Hij was niet zo schuw van Riker, want hij keek nu nieuwschierig naar hem en liep niet meteen weg.
hey meiden. Hi. Anna zeiden ze in koor. Is er wat vroeg ik toen ik zag dat het boek op tafel lag. Nou nee zei Eline voorzichtig het gaf alleen aan dat er zeer binnenkort een bezoeker komt. Maar het is nogal vaag zei Ellen. O fijn mopperde ik. Ik heb geen zin in raadsels.
Ik liep verder het bos in en de bomen stondne nu oets dichter tegen elkaar aan. Ik vroeg me af waar dit pad mij utieindelijk zou leiden, ik was nog nooit zo ver gelopen als ik er nu over nadacht.