Hier komen de laatste 3 forum topics
te staan waarop je hebt gereageerd.
+ Plaats shout
Anoniem
Ik mis jou ook x
0 | 0 | 0 | 0
0%
Om mee te kunnen praten op het forum dien je ingelogd te zijn.Nog geen account? Klik hier om een gratis account aan te maken.

> Sluiten
Helper
19 van de 24 sterren behaald

Forum

ORPG, gedichten en schrijvers < Virtual Popstar
Lol, verhalen die ik in mijn vp tijd schreef.
Anoniem
Popster



-ben mijn laptop aan het opruimen want hij zit bijna vol terwijl mijn laptop een geheugen heeft van 297 GB-


Daar zit ze, helemaal alleen in een donkere kamer. Het is koud, griezelig en eenzaam. Maar dat vindt ze niet erg. Ze houdt ervan om allen te zijn, gewoon helemaal alleen zonder iemand om haar heen. Niemand hoeft haar problemen te weten, het gaat niemand iets aan wat er in haar hoofd omgaat, maar ook niemand mag het weten. Niemand mag weten hoe ze zich werkelijk voelt, niemand mag weten dat ze van binnen al lang niet meer dezelfde is. 
Ze heeft een masker vast, een masker met een glimlach erop. Het masker verschuilt de pijn die zij heeft, de pijn die niemand ziet, de pijn die niemand mag zien. Het masker gaat alleen af als ze alleen is, gewoon helemaal alleen. Dan kan ze zichzelf zijn, dan hoeft ze niet vrolijk te zijn, dan mag ze tonen wie zij is.
Er ligt een mesje op de grond, ze kijkt ernaar en sluit haar ogen als ze het mesje oppakt. Ze wil het mesje weer terug leggen, terug op de grond, maar er zit alweer een snee op haar arm. Er rolt een traan over haar wang, een traan van pijn. Waarom kan ze niet stoppen! Waarom gaat ze steeds weer door. Nooit weer zou ze dit doen zei ze de vorige keer en dan gebeurd het weer, steeds opnieuw en opnieuw en opnieuw, er komt geen einde aan.
Ze laat het mesje vallen, het geklingel van het ijzer op de stenen vloer echot door de kamer. De muren, ze bewegen en de deur, die is verdwenen. Ze raakt in paniek, hoe komt ze hier weg, hoe zorgt ze ervoor dat de muren haar niet pletten. Ze duwt tegen de muur in de hoop dat die niet dichterbij komt. Het helpt niet, de muren blijven dichterbij komen. Het wordt zwart in de kamer. Ze valt, de grond zakt onder haar voeten vandaan. Weg is haar hoop, weg is haar masker, weg is alles wat ze had. Ze valt en valt en valt, nooit lijkt er een einde aan te komen, het voelt alsof ze in een oneindig diepe put valt waar ze niet meer uit kan komen. Ze draait rond, in de hoop iets te zien. Maar het enige wat ze ziet is het kleine lampje in de kamer dat steeds kleiner en kleiner wordt tot het verdwijnt. Het is nu helemaal zwart om haar, niks ziet ze, niks voelt ze. Alleen de pijn aan haar pols voelt ze, de snee die daar zit, er komt bloed uit. Met haar hand probeert ze het bloed tegen te houden, het lukt, het bloed stolt, maar nog steeds valt ze in die put, die put waar geen einde aan lijkt te komen.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Hier zit ik dan, helemaal alleen in mijn uppie. Ik kijk wat rond en zie ineens een prachtige stok. Ik pak hem op en dan krijg ik een raar gevoel, van schrik laat ik de stok weer vallen. Ik kijk verbaast om mij heen en kniel dan even neer bij de stok. Ik maak er een foto van maar daar is hij niet op te zien. 'wat raar' denk ik. Ik maak nog een foto maar ook daar is de stok niet te zien. Ik staar verbaast naar mijn beeldscherm en leg mijn mobiel dan aan de kant. Ik pak de stok weer op en voel een soort van energie door mijn lichaam suizen. Ik zwaai even met de stok en ineens ben ik in het bos. Ik kijk om mij heen naar het pad terug maar kan geen pad vinden. Ineens begint een boom tegen mij te praten 'Lief meisje, wat doe jij hier zo alleen?' vraagt de boom. Ik draai mij om en kijk naar de boom waar het geluid weg kwam. 'I...Ik vond deze stok. En nu ben ik hier. Hoe kom ik weer thuis' stotter ik. Ik kijk bang om mij heen op weg naar een uitgang maar kan het nergens vinden. 'Je bent hier gekomen met een doel, dat doel moet je voltooien' zegt de boom tegen mij. Er verschijnt een pad en ik loop erlangs. Uiteindelijk kom ik bij een prachtige open plek in het  bos. Er staat een beeldige fontein waar een stoel op staat. De stoel is leeg. Ik loop een rondje om de fontein heen en bekijk hem even goed. Dan hoor ik uit de rechter hoek een geluid komen. Ik loop er naartoe en zie een elfje. 'Waar ben ik?' vraag ik. Het elfje schrikt op en gaat dan op mijn schouder zitten. 'Aah, hier ben je eindelijk. Ik zocht je al. Kom!' zegt het elfje tegen mij, verbaast ren ik achter het elfje aan. Uiteindelijk kom ik bij een prachtige kamer. Er staat een jongen op mij te wachten. 'Wat doe ik hier?' vraag ik voor de zoveelste keer. 'Mevrouw, het koninkrijk heeft u gemist. Uw vader wacht op u' krijg ik als antwoord. De jongen steekt zijn arm uit en ik pak hem vast. Hij brengt mij naar een man die de leeftijd van mijn vader heeft. 'Mag ik nu eindelijk antwoord op mijn vraag? Waar ben ik?' vraag ik aan de man. 'Je bent in het rijk der rijken. Hier zul je de komende tijd blijven. Je bent namelijk mijn dochter, al die jaren heb ik naar je gezocht en nu, nu heb ik je eindelijk gevonden. Ik word al oud, daarom moet jij binnenkort gaan trouwen en zul jij het rijk van mij over moeten nemen. Maar eerst, eerst moet je je als een goede fee gedragen. Want dat is wat je bent, dat is waarom je je altijd anders hebt gevoelt dan de rest. Want je bent anders' krijg ik van de man te horen. Ik schrik heel erg en daar sta ik dan met een mond vol tanden. Ik staar vooruit en kijk verbaast naar de man die beweerd dat ik zijn dochter ben. Dan word ik mee genomen door wezens die half mens half paard zijn. Ik word naar een kamer gebracht waar een prachtige jurk klaar ligt. Er wordt mij verteld dat ik die jurk moet aantrekken. Ik pak de jurk op en trek hem aan, hij past precies en staat prachtig. Ik kijk iets beter naar mijn uiterlijk en zie dat mijn oren en ogen er ineens heel anders uit zien. Ik schrik en kijk nog een keer goed. Ze zijn veranderd is elfen oren, hoe kan dit nu! Ik wacht geduldig in de kamer waar ik ben en na een tijdje word ik opgehaald door de koning van dit rijk. 'Meneer, koning, vader of hoe ik u ook moet noemen. Waarom wist ik mijn hele leven niks van dit rijk af?' vraag ik. Ik kijk afwachtend naar de koning die mijn begeleid door het rijk. 'Je moest hier weg, er was oorlog tussen het rijk er rijken en het rijk er duisternis. Het was te gevaarlijk' krijg ik al antwoord. Ik loop achter de koning aan en bekijk het koninkrijk. Na een tijdje komen we bij een hele mooie grote tafel. 'Ga zitten, dan gaan we eten' zegt de koning tegen mij. Ik ga op een stoel zitten en gelijk wordt er een bord voor mijn neus gezet. Ik eet het eten op en praat wat met de koning die mij alles uitlegt. Ik moet gaan trouwen met een elf hier uit het rijk, dan pas kan ik koningin worden van het rijk. De koning heeft al 5 mannen uitgezocht die wellicht geschikt voor mij zouden kunnen zijn. Ik ga terug naar mijn kamer en wacht geduldig tot de mannen 1 voor 1 binnen komen. De eerst heet Robie Goodfellow, hij komt mij heel bekend voor, hij lijkt op een jongen van mijn school waar ik de afgelopen 3 jaar in stilte verliefd op was. Ik kijk hem even vaag aan en hij kijkt vaag terug. 'Ken ik jou ergens van?' vraag ik dan maar. Het enige wat de jongen doet is naar mij toe lopen. Hij bekijkt mij eens goed en zegt dan. 'Jij komt niet van hier, jij komt van de aarde. Ik herken je, je zit bij mij in de klas' zodra ik dit hoor schrik ik een beetje. Het is dus echt zo, hij is de jongen waar ik de afgelopen 3 jaar verliefd op ben geweest.  'Ik, ik ken jou ook. I....ik was de uuh, de afgelopen 3 jaar al verliefd op jou' zeg ik en dan bloos is. Robie loopt naar mij toe en neemt mij in zijn armen. Verbaast kijk ik om hoog in zijn prachtige ogen. En dan, van het ene op het andere moment geeft hij mij een zoen. Ik sluit mijn ogen en zoen met hem mee.  Even later loop ik samen met Robie naar mijn vader toe. 'Vader, ik heb mijn man gevonden.' zeg ik en ik kijk even naar Robin. De koning kijkt naar Robie en zegt dat hij een test moet doorstaan. Want niet iedereen kan zomaar met zijn dochter trouwen. Hij moet 7 testen doorstaan en aan het eind zal dan het altaar staan. 'Succes mijn liefst!' zeg ik tegen Robie voordat hij het gebied ingaat waar de zeven testen worden gehouden. 'Oh vader, wat voor testen zal hij moeten doorstaan' vraag ik en ik kijk hem smekend aan. Ik krijg uitleg over de zeven verschrikkelijke testen en hoop dat Robie er goed uit gaat komen. Ik moet aan het einde van het testen doolhof wachten. Voor de rest mag ik niks doen. Het duurt 7 uren voordat Robie uit de struiken komt, hij zit helemaal onder de schrammen. Ik ren naar hem toe en geef hem een zoen. 'Ik ben zo blij dat je er uit bent gekomen' zeg ik en ik houd hem stevig vast. We gaan beide naar een aparte kamer waar we ons omkleden. Er ligt een prachtige groen/blauw jurk voor mij klaar. Ik trek hem aan en bekijk mezelf in de spiegel. Ik zie er beeldschoon uit. Dan loop ik naar het altaar maar ondertussen kom ik een portaal tegen, ik ben nieuwschierig en loop het portaal binnen. Ineens ben ik op een heel andere plek, ik wil terug lopen maar het portaal is verdwenen.

 

 

Ik ben in een ander rijk, ik wandel wat rond opzoek naar een nieuw portaal naar het rijk er rijken, maar nergens is het te vinden. Ik kom een duistere jongen tegen. Hij rijd op een prachtig zwart paard. 'Waar ben ik?' vraag ik als de jongen vlak bij mij is.

-----------
Ja, niet afgemaakt. HAHHAHA I know
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

'Dikzak!' hoor ik van links komen. Ik bijt op mijn lip en loop rustig verder naar het klaslokaal. Als ik er bijna ben krijg ik een harde duw in mijn rug. Bijna val ik om, maar ik weet recht te blijven staan. Ik probeer te ademen maar het lukt niet, ik voel tranen opkomen maar bijt ze weg. Met moeite pak ik het ademen weer op en loop ik verder, naar de wc's. Ik ga in één van de hokjes zitten en laat de tranen stromen, maar zonder geluid. Als ik weer een beetje normaal kan ademhalen stap ik het hokje uit en doe mijn make-up even goed voor de spiegel. Als mijn make-up ook weer goed zit loop ik naar mijn klaslokaal. Ik ga rustig zitten en let op tijdens de les. Achter mij hoor ik een paar keer mijn naam en dan wat gegiechel, maar ik probeer er niet op te letten. Als de les afgelopen is, is het pauze. Ik wacht tot iedereen het lokaal uit is en loop dan, als het echt moet, het lokaal uit. Ik loop het schoolplein op en ga in een hoekje staan. Ik kijk naar een stel jongens dat aan het voetballen zijn en ineens voel ik weer een duw van achteren. Ik val voor over en land erg hard op mijn knieën en polsen. Het doet verschrikkelijk pijn, maar ik laat het niet merken. Ik sta weer op en ga ergens anders staan, bij de muur. Ik zie een groepje meiden giechelen en naar mij wijzen. Ik voel tranen op komen en ren naar binnen, naar de wc's. Als ik daar zit, met mijn schooltas pak ik mijn etui. Er zit een puntenslijper in, een puntenslijper van plastic. Ik breek het plastic er omheen af en houd alleen het mesje over. Met het mesje maak ik een snee in mijn pols, weg wil ik. Helemaal weg! De snee is diep en er komt veel bloed uit, geschrokken kijk ik naar mijn pols. 'Wat zal mama hiervan vinden.' zeg ik tegen mijzelf in volle wanhoop. Ik pak wat wc-papier en wikkel het om de wond heen, zodat het bloed niet in mijn kleding komt. Er rollen tranen over mijn wangen en ik blijf op de wc's wachten tot de bel gaat. Het volgende les uur begint, ik moet weer naar de klas. Langzaam sta ik op en pak ik mijn tas om uit de wc's te lopen. Als ik de deur van de wc open doe hoor ik iemand roepen 'Hey dikzak, heb je lekker zitten vreten op de wc!' Ik voel weer tranen opkomen maar bijt op mijn lip om ze tegen te houden. Ik ga achter in het lokaal zitten en probeer op te letten tijdens de les, maar steeds spoken die woorden door mijn hoofd, 'dik, lelijk, achterlijk, dom, lui, huilebalk, egoïst.' al die woorden blijven maar spoken en spoken door mijn hoofd. GEK word ik ervan! Als de les eindelijk voorbij is loop ik snel naar het fietsenrek en fiets ik naar een afgelegen weiland. Hier kwam ik vroeger vaak, ik vond het altijd zo fijn omdat het hier zo rustig was. Nog steeds is het er rustig, ik gooi mijn fiets neer en ren het weiland verder in. Als ik ongeveer in het midden sta laat ik mij vallen in het gras. Ik sluit mijn ogen en blijf een tijdje liggen. Gewoon, alleen ik, met de wind, het gras, de zon en... een konijn hupt langs. Ik open mijn ogen en kijk het konijn na. 'Ga maar schatje, jij bent vrij, vrij van alles.' Ik kijk het konijn nog even na en zucht dan. Ik sta op en schreeuw, schreeuw zo hard als ik kan! 'WAAROM?!' roep ik uit. Ik wacht op antwoord, maar dat komt niet. Ik wacht op een teken, maar dat komt niet. Ik wacht, ik wacht op iets, maar ik weet niet wat.

------------------------------------------------------------------------------------------------

Zomervakantie, EINDELIJK zomervakantie, eindelijk rust. Ja, dat is wat ik dacht, ik dacht rust te krijgen, opnieuw te beginnen het volgende schooljaar, gewoon opnieuw alsof alles gewoon over kon. In de zomervakantie herstelde ik, ik had mezelf vreselijke dingen aan gedaan en wou dat veranderen. Gewoon veranderen, die littekens zou ik niet meer vanaf komen, die zitten daar nu een maal en wijzen terug naar een vreselijke tijd. Een tijd van eenzaamheid, een tijd van verdriet, maar ook zeker een tijd van vechten. Vechten tegen opmerkingen, vechten tegen tegenslagen, vechten tegen de realiteit, vechten tegen de wereld. Het ging goed, gewoon goed zoals het hoort te gaan. De gedachten en neigingen waren opgehouden en ik was blij. Maar toen begon school weer, die vreselijke school, die vreselijke veroordelende mensen, die vreselijke veroordelende blikken. Ik ben anders, anders dan normaal.

Het laatste jaar, nog 1 jaar en ik ben verslot van school, nog 1 daar doorzetten nog 1 jaar hard werken en dan heb ik mijn diploma. Super wordt dit jaar!

Vrolijk fiets ik naar school, eerste dag van dit jaar, eerste dag in de examenklas, ik ben er helemaal klaar voor. Vol moed loop ik naar mijn vriendinnen die zoals gewoonlijk al op mij staan te wachten. We kletsen wat en delen leuke herinneringen van de vakantie, we hebben elkaar lang niet gezien en dan nu eindelijk zien we elkaar weer. Helaas gaat al snel de bel, les 1 op dag 1 kan beginnen. Ik kijk op mijn rooster en zie Nederlands staan. Mooi, dat heb ik samen met mijn vriendin, lachend lopen we samen naar het lokaal.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

 Daar zit ze, helemaal alleen in een donkere kamer. Het is koud, griezelig en eenzaam. Maar dat vindt ze niet erg. Ze houdt ervan om alleen te zijn, gewoon helemaal alleen zonder iemand om zich heen. Niemand hoeft haar problemen te weten, het gaat niemand iets aan wat er in haar hoofd omgaat, maar ook niemand mag het weten. Niemand mag weten hoe ze zich werkelijk voelt, niemand mag weten dat ze van binnen al lang overleden is, haar lichaam leeft nog. Maar dat is ook het enigste.

Ze heeft een masker vast, een masker met een glimlach erop geverfd. Het masker verschuilt de pijn die ze heeft, de pijn die niemand ziet, de pijn die niemand mag zien. Het masker gaat alleen af als ze alleen is, gewoon helemaal alleen. Dan kan ze zichzelf zijn, dan hoeft ze niet vrolijk te zijn.

Er ligt een mes, met bloedresten eraan, op de grond. Ze kijkt ernaar, sluit haar ogen en pakt het mes. Ze wil het mes weer terug leggen, maar er zit al een diepe snee in haar pols. Er rolt een traan over haar wang, een traan van pijn, een traan van wanhoop, een traan van verdriet, een traan van frustratie. Ze bijt op haar lip, en kijkt naar haar pols. Wat heeft ze gedaan! Ze zou dit niet meer doen, ze zou dit nooit meer doen, nooit meer wou ze deze verschrikkelijk pijn voelen. Nooit!

Ze laat het mes vallen als de muren op haar afkomen, ze schrikt, waar is de deur gebleven, hij is weg. Verschrikt en vol angst kijkt ze om zicht heen, ze is alleen in een donkere kamer, waar niks is behalve een krukje. Ze slikt van angst, de muren, ze komen steeds dichterbij. Ze gaan haar pletten. Het krukje veranderd in een diepe zwarte put. De put zuigt haar naar binnen maar ze houd zich vast aan de muren, aan de muren die steeds dichterbij komen. Tot haar vingers het niet meer houden, ze glijd weg en heeft krassen op haar handen van de stroeve muren. Ze wordt in de put getrokken, diep diep in de put. Het is zwart om haar heen, helemaal zwart. Ze is angstig, angstig voor wat er nu gaat gebeuren. Angstig voor wat haar nu te wachten staan. Maar er gebeurd niks, ze valt alleen maar. Ze valt en valt en valt, nooit komt er een einde aan. Het is zwart om haar heen en ze valt in een diep zwart gat, niks om haar hen, niks wat haar kan redden, niks wat ervoor kan zorgen dat ze weer grond kan voelen. Ze legt haar handen op haar ogen en veegt een traan weg, waarom was haar leven zo? Waarom moest ze zo leven? Waarom moest ze nu voor eeuwig vallen? Al die vragen, maar geen antwoorden. Al die onduidelijk heden en niemand die het haar duidelijk kan maken. Ze bijt op haar lip en sluit haar ogen, er is toch alleen maar een zwarte duisternis om haar heen.

Zodra ze haar ogen weer opent zit ze op de grond. Was ze geland? Had ze grond gevoelt toen ze haar ogen dicht had? Nee, dat had ze niet.

Ze kijk om zich heen, angstig voor wat er nu gaat komen. Maar ze zit in een prachtig gebied, hoog in de bergen bij een waterval. Ze staat op en loopt naar de waterval, de zon schijn op haar gezicht. Ze gaat op een grote steen zitten en sluit haar ogen terwijl ze haar hoofd wat naar achteren houd. De zon voelde heerlijk op haar koude, witte huid.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

 
Opnieuw zit ik daar, in een hoekje. Ik laat me langs de muur naar beneden glijden, vouw mijn handen om mijn benen heen en verschuil mijn hoofd tussen mijn knieën. Tranen stromen over mijn wangen, Ik bijt op mijn lip en sluit mijn ogen. 'WAAROM IK!' gil ik, ik bijt nog harder op mijn lip tot ik bloed proef. Nog een tijdje blijf ik zo zitten in het hoekje, niemand ziet hoeveel pijn het mij doet, niemand weet dat ze mij langzaam kapot maken. Ik slaag een diepe zucht en sta dan op. Ik loop naar mijn badkamer, kijk in de spiegel en veeg dan boos mijn tranen weg. 'Nee, niet huilen zwakkeling' zeg ik tegen mezelf. Ik bekijk mezelf vol afschuw in de spiegel.  'Logisch dat ze mij dik noemen, mijn benen zijn veel te dik, net als mijn armen en mijn buik.' Langzaam stap ik op de weegschaal en kijk ik naar het nummer dat daar verschijnt. Ik slik en zucht opnieuw.

Als ik mijn moeder aan hoor komen doe ik snel mijn make-up goed. Juist op het moment dat ik er weer normaal uit zag kwam mijn moeder binnen. 'Hey, is er iets?' vraag ik aan mijn moeder. 'Ja, ik heb je wasgoed.' krijg ik als antwoord terug. Ik pak de kleding aan en stop het in mijn kast. Ik glimlach naar mijn moeder en ga dan mijn huiswerk maken. Als mijn huiswerk klaar is maak ik mijn tas voor de volgende dag klaar en ga ik slapen, morgen opnieuw naar die hell. Ik denk terug aan mijn dag, langzaam rolt er weer een traan over mijn wang. Boos veeg ik hem weg en draai ik mij om, weer rolt er een traan over mijn wang, maar het blijft nu niet bij maar één traan. Heel langzaam val ik in slaap, terwijl de tranen nog over mijn wang rollen.

 

Ik schrik wakker en kijk op mijn klok, 4 uur 's ochtends. Ik sta op en doe wat jumping jacks en buikspieroefeningen. 'Ze zullen spijt krijgen' zeg ik tegen mezelf als ik bijna niet meer kan. Ik blijf doorzetten en als om 7 uur de wekker afgaat stop ik pas. Ik pak wat spullen en ga douchen. Als ik klaar ben pak ik mijn schooltas en zeg ik mijn moeder gedag. Met tegenzin fiets ik naar school, opnieuw alleen zijn, opnieuw vernederd worden, opnieuw in het hoekje staan, opnieuw buiten gesloten worden.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

Ik loop door de gangen, door de gangen van een groot huis. 'Waar ben ik? vroeg ik mezelf af,'hoe ben ik hier gekomen? was nog zo'n vraag die ik mezelf stelde. Ik ben opzoek naar de uitgang, de uitgang van dit horrorhuis. Elke deur zit op slot, wat ik ook probeer de deur kan niet open. Ik ga een donkere gang in, hier was ik nog niet eerder geweest. Angstig loop ik verder, als ik achter mij geluid hoor draai ik me snel om. 'W...wie is daar?' vraag ik angstig. Niemand antwoord maar er komt wel iemand dichterbij. 'Wie is daar?' vraag ik opnieuw terwijl ik langzaam achteruit loop, zo langzaam dat het niet te merken is, maar weer geen antwoord. Het enige dat ik weet is dat er iemand dichterbij komt, dat kan niet veel goeds betekenen. Als ik verder de gang in loop wordt het steeds donkerder op een gegeven moment kan ik niet verder en sta ik tegen een muur. De persoon komt dichter en dichter in mijn buurt. Als de persoon zo dichtbij is dat ik het gezicht kan zien schrik ik, ik herken hem, wat doet hij hier? Hij moet weg, of beter, ik moet weg! Ik probeer een uitweg te vinden, kan ik langs links, kan ik langs rechts, kan ik onder hem door. Nee, niks kan. Lichtelijk raak ik in paniek, niet weer wil ik in zijn handen vallen, niet weer wil ik bij hem moeten zijn. 'Waarom ben je nu bang?' hoor ik hem zeggen. Die stem, die klank, die blik, een rilling gaat door mij heen. Ik blijf stil en kijk alleen maar. Ik voel zijn handen langs mijn gezicht strijken en raak alleen maar meer in paniek. 'Mag ik alsjeblieft weg?' vraag ik heel voorzichtig en zachtjes, maar de vraag is overbodig want ik weet het antwoord al. Ik word verder tegen de muur gedrukt 'Nee, jij gaat mij maar eens lekker verwennen' zegt hij met een valse stem en een valse blik. Nog meer raak ik in paniek, nee, niet weer, niet opnieuw! Ik probeer los te komen maar hij houd mij, met zijn sterke handen, vast. Loskomen lukt niet, daar ben ik te zwak voor. Ik voel dat ik word opgetild en sluit dan mijn ogen maar. Wat moet ik nu, ik wil dit niet maar als ik het niet doe dan word ik opnieuw gemarteld. Er rolt een traan over mijn wang maar hij merkt het niet. Snel veeg ik de traan weg en kijk ik wat om me heen. Hij heeft mij naar een kamer gebracht, een kleine kamer met alleen één bed en één kast. Als ik op het bed word neergelegd voel ik gelijk de ijzeren handboeien om mijn polsen, ze snijden langs mijn huid en ik wil loskomen. Maar ook weet ik dat als ik ga worstelen om los te komen dat het dan alleen maar erger word. Tranen vullen mijn ogen, maar ik heb geen handen om ze weg te vegen. Ik bijt op mijn lip en hoop op het beste. 'Wat ga je doen?' vraag ik zachtjes als ik hem terug zie komen met een zweep in zijn handen. Geen antwoord krijg ik terug, niks zegt hij, hij grijnst alleen maar. Die grijns is het die mij nog angstiger maakt. Hij kruipt naar mij toe en maakt mijn bloesje los. Ik wil hem tegenhouden maar mijn stem blokkeert.  Ik open wel mijn mond, maar geluid komt er niet uit. Als mijn bloesje los is maakt hij mijn bh los, weer wil ik hem tegenhouden maar nog steeds is mijn stem geblokkeerd en komt er geen geluid uit. Ik zie hem kijken, hij kijkt naar mijn borsten met zijn gretige ogen. Ik voel zijn handen omhoog gaan, van mijn heupen naar mijn borsten. 'NEE, alsjeblieft!' weet ik uit te roepen, hij lijkt er van te schrikken maar de grijns op zijn gezicht wordt alleen maar groter. Die verschrikkelijke grijns waar ik de rillingen van krijg, zijn handen gaan nu razendsnel richting mijn borsten en ik voel een stekende pijn, hij knijpt hard in mijn borsten en ik gil het uit van de pijn, oh wat doet dat pijn, het voelt alsof ik word fijn gedrukt. Als hij na een tijdje klaar is bij mijn borsten kijk ik hem met een betraand gezicht, weer zie ik die verschrikkelijke grijns op zijn gezicht verschijnen en zijn handen gaan naar mijn rokje. Mijn ogen worden groot, nee, dat niet, hij wil toch niet! In een ruk is mijn rokje en mijn panty uit. Hij verscheurt mijn ondergoed en trekt dan ook snel zijn broek en boxershort uit. Ik voel een hevige pijn in mij, een ondragelijke pijn schiet door mijn hele lichaam! 'STOP!' roep ik uit maar hij gaat alleen maar harder. Pijn doet het, heel erg veel pijn en nooit stopt het, altijd gaat het maar door. Iedere keer opnieuw.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------

Ik open mijn ogen weer, hoopvol dat ik hier weg zou zijn. Maar nee, nog steeds ben ik omringt door bomen en duisternis. Ik hoor iets, een raar geluid. Ik kijk verschrikt om maar zie niks. Weer hoor ik iets, nu van een andere kant. Ik kijk angstig, met grote ogen, om me heen. Opzoek naar een uitweg, opzoek naar een veilige plek. Een plek waar de zon schijnt, waar mijn ouders zijn. Ik loop langzaam wat naar achteren als ik een groot beest naar mij toe zie lopen. Ik slik en sta tegen een boom aan. Dan stopt het beest en loopt weg. Ik geef een zucht van verlichting en kijk omhoog, recht in het gezicht van een wolf. Ik houd mijn adem in en durf niet te bewegen. Ik vol een traan opkomen en bijt op mijn lip om hem tegen te houden. Waarom zat ik hier nou, waarom ik! Ik laat me langzaam langs de boom naar beneden zakken. Die wolf kan me niks meer schelen, als hij mij nu verslond was ik er maar vanaf. Ik snik zachtjes en voel dat er iets of iemand naast mij komt zitten. Ik durf niet op te kijken en voel dan een hoofd op mijn knieën. Ik schrik er een beetje van, want het is de wolf, hij is naast mij komen zitten en kijk mij met puppy ogen aan. Ik glimlach even en geef hem een aai over zijn hoofd. Er valt een traan op zijn snuit waarna hij mijn tranen op gaat likken. Het kietelt, dus ik moet weer lachen. Ik draai mijn hoofd een beetje en duw de wolf dan wat weg. Ik veeg mijn gezicht schoon en zie de wolf dan huilend naar achter lopen, alsof hij bang is, heel erg bang. Ik schrik ervan en draai me voorzichtig om, ik stond oog in oog met, met iets, ik had geen idee wat het was. Ik kijk het ding met grote ogen aan en zet een stap naar achteren.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------



Lol, ik heb er nog veel meer. But ik denk dat ik die nooit opgeslagen heb ofzo. xD 

Ralsei
Internationale ster



:o Wow
Anna
YouTube-ster



<img src='/layout/nl/images/smileys/surprised.png' alt=':o'> Wow

Anoniem
Popster



<img src='/layout/nl/images/smileys/surprised.png' alt=':o'> Wow

Wat, hahaha?
Anoniem
Queen of Queens



;c
Anoniem
Popster



;c

?
Plaats een reactie
Reageer
Om nieuwe berichten te laden: ingeschakeld