ladybambi schreef:
Anno
Met een ruk kijk ik op, als ik een luid schot hier niet ver vandaan hoor. Eigenlijk net als elke dag, de jagers jagen nu al jaren op hem. Sinds zijn 10e, toen hij nog een puppy was! 7 jaar dus totaal. Maar nog nooit hebben ze hem gekregen of geraakt. Al scheelde het vaak genoeg niet veel. Nog steeds heeft hij een klein litteken op zijn been als hij een mens is. Dat komt door een zilveren kogeltje waar hij op zijn 13e door is geschramd. Niet ernstig, het valt bijna niet op. Maar in het begin deed het goed zeer. Snel verander ik terug naar een mens en ren dieper het bos in. Het bos is mijn huis, al jaren. Sinds mijn ouders op mijn 10e verjaardag ontdekten dat ik een weerwolf was. De krachten van een weerwolf ontwikkelen zich als het kind 10 jaar wordt. Maar het slaat vaak een generatie over. Zeker als 1 van de beide ouders geen weerwolf is. Zo ook in mijn geval. Mijn opa was een weerwolf, maar ver voor mijn geboorte gedood door een jager. Mijn oma was een normaal menselijk meisje. Daaruit kwam mijn moeder. Mijn moeder was ook een normaal meisje. Net als oma. En daaruit kwam ik weer. Een weerwolf, net als opa. Mijn oma heeft me als kind vaak verhalen verteld over weerwolven. In het begin geloofde ik ze heilig. Maar hoe ouder je wordt, hoe minder je begint te geloven. Tot mijn 10e verjaardag dus. Die avond kreeg ik ruzie met mijn neefje. Aan pap zijn kant wel te verstaan. Opeens voelde ik me vreemd. Niet mezelf. Voor iemand het wist was ik verdwenen. Op de plaats waar ik stond, stond een klein sneeuwwit wolfje. Het wolfje vluchtte naar zijn kamer, waar oma even later ook kwam om hem te troosten en hem te helpen terug te veranderen. Toen het wolfje weer een jongentje was, zetten mijn ouders me het huis uit. Een paar maanden bleef ik bij oma wonen, tot zij stierf aan ouderdom. Toen kon ik nergens meer heen. Mijn uitvlucht werd het bos, en sinds dien ook mijn thuis. Na een tijdje rennen kom ik aan in mijn boomhut en klim er snel in. Mijn boomhut heeft geen trap of zo, veel te gevaarlijk. Nee, je moet gewoon via de takken klimmen. Die nog best ver uit elkaar staan, waardoor het klimmen moeilijk wordt gemaakt. Maar voor mij niet. Ik doe het nu al jaren. Voor mij is het een fluitje van een cent. De stemmen van de jagers komen steeds dichter en dichter bij. Af en toe verstoort een luid schot de rust in het bos, terwijl de jagers onder mijn boomhut blijven staan praten. "Die wolf moet hier ergen zijn, we moeten heb vinden" hoor ik een jager zeggen en ik bijt op mijn lip.