Het was een koude zondagochtend. Ik stond in me dure, warme jas. Met een handtas en een rugtas. 'Vandaag is het zover!' zei ik met een harde, boze toon. Ik ga weg van me arrogante stiefmoeder, Agatha. Onderweg naar de bus vol met weeskinderen kwam ik een meisje tegen, Lorelei. Ze had een mooie glimlach. Ze haalde diep adem en zei: 'Ik ben Lorelei, hoe heet jij?' Ik keek rond en zei toen: 'Ik heb geen naam gekregen, nu niet en nooit niet'. Lorelei schrok zich dood. 'Hebben jou ouders nooit een naam gegeven dan?' Ze was bezorgd om me. 'Ik heb nooit ouders gehad, alleen een arrogante stiefmoeder.' Ze ademde heel snel en hyperventileerde. 'Wat moest ik doen?!' Ik dacht heel diep na bij mezelf.
Het was een koude zondagochtend. Ik stond in me dure, warme jas. Met een handtas en een rugtas. 'Vandaag is het zover!' zei ik met een harde, boze toon. Ik ga weg van me arrogante stiefmoeder, Agatha. Onderweg naar de bus vol met weeskinderen kwam ik een meisje tegen, Lorelei. Ze had een mooie glimlach. Ze haalde diep adem en zei: 'Ik ben Lorelei, hoe heet jij?' Ik keek rond en zei toen: 'Ik heb geen naam gekregen, nu niet en nooit niet'. Lorelei schrok zich dood. 'Hebben jou ouders nooit een naam gegeven dan?' Ze was bezorgd om me. 'Ik heb nooit ouders gehad, alleen een arrogante stiefmoeder.' Ze ademde heel snel en hyperventileerde. 'Wat moest ik doen?!' Ik dacht heel diep na bij mezelf.
Sorry dat mijn reactie zo lang duurde, mail me maar even n.n