Hier komen de laatste 3 forum topics
te staan waarop je hebt gereageerd.
+ Plaats shout
Dazy
Gezond en gelukkig 2026 đź’ť
0 | 0 | 0 | 0
0%
Om mee te kunnen praten op het forum dien je ingelogd te zijn.Nog geen account? Klik hier om een gratis account aan te maken.

> Sluiten
Helper
17 van de 24 sterren behaald

Forum

ORPG, gedichten en schrijvers < Virtual Popstar
ORPG - CreepDoll
Azelf
Straatmuzikant



Naam: Thyestes Quatermain 
Leeftijd: 20



Uiterlijk: Keith heeft blond haar, waar aardig wat donkerdere plukjes tussenuit steken. Hij heeft al lang geleden opgegeven het te fatsoeneren, het zal altijd rommelig blijven zitten, hoe veel tijd hij er ook aan besteed. Zijn blanke huid lijkt, op wat kleine rimpeltjes onder zijn ogen na, bijna honderd procent vlekkeloos. Hij laat zijn stoppels altijd staan, zonder die voelt hij zich bijna naakt en oncomfortabel. De exacte kleur van zijn ogen licht aan het licht. Als ze verlicht worden, lijken ze soms wel wit, als het ergens donker is, lijken ze bijna zwart, toch wijkt de kleur altijd naar blauw toe. Keith is aardig lang, zo’n 1.90 meter, en breed gebouwd. 
Innerlijk: Keith is, over het algemeen, best een aardige jongen. Het grootste gedeelte van de tijd lacht hij en is hij de vrolijkheid zelve. Hij lijkt altijd positief, zelfs als de anderen de moed al lang hebben opgegeven. In dat geval probeert hij de rest overigens zo goed mogelijk te motiveren. Vaak is hij, naast vrolijk, ook een macho. Hij probeert altijd stoer over te komen, vooral als er meiden bij zijn. Door zijn uiterlijk en zelfvertrouwen kan hij de meeste meisjes wel krijgen, maar hij vind het leuker als ze het hem een beetje moeilijk maken; hij houdt van uitdagingen. Verder is de man abnormaal koppig. Hij wil altijd zijn zin en doet daar dan ook veel voor. Het moment dat hij een discussie verliest, is één van de weinige waarop de grijns zijn gezicht verlaat. Hoewel hij zich meestal als een typische tiener gedraagt, kan hij heel serieus zijn, al is dit alleen op bepaalde momenten. Keith is een goede leider en hij bedenkt de beste plannen, als hij er maar de tijd voor krijgt. Hij haat het als mensen niet gewoon doen wat hij zegt; dat maakt alles toch een stuk ingewikkelder? Dat is nog iets waar hij geïrriteerd van raakt; koppigheid van anderen. Daarmee is hij inderdaad een hypocriet, maar dat kan hem geen moer schelen, de mening van anderen doet hem sowieso meestal niet zoveel. 

 

 

Anoniem
Wereldberoemd



Naam: Lyraesel
Leeftijd: ziet er uit als 20, maar is veel ouder, hoe oud, weet ze niet meer precies.
Elf by AstroKerrie female cosplay costume LARP | NOT OUR ART - Please click artwork for source | WRITING INSPIRATION for Dungeons and Dragons DND Pathfinder PFRPG Warhammer 40k Star Wars Shadowrun Call of Cthulhu and other d20 roleplaying fantasy science fiction scifi horror location equipment monster character game design | Create your own RPG Books w/ www.rpgbard.com

Uiterlijk: Lyraesel heeft lange bruin rode lokken die ze af en toe helemaal invlecht, maar meestal zijn het enkele dunne vlechtjes, ijsblauwe ogen en een bleke huid. Ze is redelijk slank, alsof ze nooit eet, maar dat doet ze natuurlijk wel en is 1,70.
Innerlijk: Lyraesel is een aardige persoon, helpt graag andere en gaat vaak er op uit. Ze is ook redelijk sterk, snel en sierlijk tijdens het vechten. Altijd positief met dingen en gaat door als het niet meteen lukt. 
Haar vader vind het eigenlijk wel eens tijd worden dat ze iemand gaat kiezen, maar zelf wilt ze het nog niet, ze is er nog niet klaar voor vind ze zelf. Er op uit gaan vind zij veel belangrijker dan gehecht zijn aan iemand die niet eens naar buiten wilt. Ze is dus graag buiten, in de bossen. Trainen en vechten tegen de spinnen die daar leven.

Haar vader is de koning.
Anoniem
Wereldberoemd



Een vreemde energie hing door de lucht toen ik wakker werd. Deze had ik nog nooit gevoeld, het leek of er iets ging gebeuren, Vervolgens deed ik mijn ochtend routine en liep ik daarna door naar de eetzaal waar mijn vader al zat. "Daar ben je eindelijk Lyraesel" zei hij en stond op. "Sorry." zei ik snel en zuchtte ongezien. "Ga zitten, ik wil je wat vertellen." zei hij er al snel achter aan en ik ging vlak bij hem zitten. "Je weet dat het eens tijd word dat je iemand gaat kiezen." begon hij toen nadat ik mijn ontbijt had gekregen. Meteen liet ik mijn vork op de tafel vallen toen hij er weer over begon en keek hem aan. "Vader, voor de zoveelste keer, ik wil niet gevorseerd iemand kiezen." zei ik iets met een verheven toon. Meteen kreeg ik het door en sloeg mijn ogen neer. "Sorry vader." zei ik en haalde diep adem. "Ik, ik ga even een stukje rijden." zei ik terwijl ik amper had gegeten. Rustig stond ik op en liep, snel, de eetzaal uit door de lange gangen naar de stallen. 
Azelf
Straatmuzikant



Nadat hij het laatste schroefje had aangedraaid, zette hij een paar stappen terug, totdat hij naast de bruinharige jongen stond. 
“En, wat vind je?” vroeg Keith met een trotse grijns, terwijl hij zijn blik over de machine liet glijden. 
“Schitterend.” Samen stonden ze zo een tijdje naar hun meesterwerk te kijken. Toen ze eraan begonnen, hadden ze niet durven dromen dat het ooit zou lukken. Het leek onbereikbaar, enkel een fantasie die ze nooit waar zouden kunnen maken, maar hier stonden ze dan; recht voor de eerste werkende tijdmachine ooit gebouwd. Althans, ze hoopten dat hij werkte. Keith en zijn beste vriend hadden er maanden aan gewerkt, het zou doodzonde zijn als het voor niets was geweest, maar met de intelligentie van de bruinharige, Jasper genaamd, en de technische kennis van Keith, moest het wel gelukt zijn, het kon niet anders. De jongens hadden zichzelf en elkaar dat nu al zo vaak verteld, dat ze het nog geloofden ook.
“Dus,” begon Keith, even ongeduldig als altijd, “Zullen we hem uitproberen?” Jasper liet even op zich wachten, kennelijk nog over wat laatste dingetjes aan het nadenken, maar stemde toen in; ze zouden de machine aanzetten. Jasper gunde Keith de eer om het apparaat voor de eerste keer aan te zetten, zolang hij maar als eerst erdoorheen mocht, voegde hij er grappend aan toe. De iets oudere jongen grinnikte even, waarna hij naar het besturingspaneel liep en een willekeurige datum instelde.   
“Oké, je kan!” zei Keith, toen hij klaar was, waarna Jasper een paar stappen vooruit deed. Hij keek zijn blonde vriend nog even aan, zei “Hier ga ik”, stapte door het portaal en verdween. Keith checkte nog even snel of er niemand de garage waar ze in hadden gebouwd binnen was gekomen, en volgde Jasper toen. Hij was aardig zenuwachtig, maar zijn vertrouwen in hun plan overstemde dat gevoel. Nog even haalde hij diep adem, maar toen stapte ook hij het portaal door.

 Met een plof landde hij op zijn rug op de harde grond. De lucht werd uit zijn longen geslagen, maar dat was lang niet zo erg als de steek die hij is zijn zij voelde. Toen hij klaar was met hoesten, bleef hij nog even liggen, uitgeput, buiten adem. Vervolgens reikte hij uit naar zijn stekende zij. Toen hij zijn hand terugtrok, merkte hij pas de plakkerige, warme substantie op; bloed. De zucht had niet eens zijn lippen helemaal verlaten, voordat hij een erger probleem opmerkte. Snel kwam hij overeind – al had hij daar snel spijt van, zijn zij was het er immers niet mee eens – en keek om zich heen. Nog steeds een beetje kreunend van de pijn, strompelde hij naar zijn vriend, die er nog erger uitzag dan hijzelf.
“Jasper?” vroeg hij, terwijl hij bezorgd zijn vriend bekeek, “Jasper!” Maar hij reageerde niet. Keith begon zich zorgen te maken, maar hij dwong zichzelf rustig te blijven. Hij probeerde nog een paar keer zijn aandacht te trekken, maar er kwam geen reactie. Vrezend op het ergste, legde hij twee vingers in Jaspers hals.

 

Anoniem
Wereldberoemd



Nadat ik mijn merrie op had gezadeld, klom ik op haar rug en liep de stallen uit. Eenmaal uit de stallen, liet ik mijn merrie nog even stappen, maar al snel zette ik haar in draf en draafden door het bos. Weer kwam er een vreemde energie golf door de lucht en keek meteen omhoog. "Vreemd, dit heb ik nog nooit gevoeld." mompelde ik en spoorde mijn merrie aan tot galop. 
Maar toen er in de verte een vreemde flits te zien was, liet mijn merrie steigeren, gelijk maakte ik haar rustig en klopte op haar hals. "Zullen we een kijkje nemen?" fluisterde ik tegen haar nadat ik naar voren was gebogen. Ze hinnikte en spoorde haar gelijk aan en vloog er vandoor in galop richting de plek waar de flits was geweest. Hopelijk waren het geen Orc's. 
Azelf
Straatmuzikant



Keiths vermoeden werd al snel bevestigd. Zijn vriend, dood, weg, wat je het ook wilt noemen. Al zou hij het later ontkennen, er stonden tranen in de ogen van de blonde jongeman. Niet alleen was zijn beste vriend zojuist overleden, maar hij had ook nog eens geen idee waar ze waren. Paniek overspoelde hem, terwijl hij om zich heen keek. Hij zat nog steeds bij Jasper, maar durfde hem amper aan te kijken. Hij wilde niet accepteren dat de bruinharige er niet meer was, en hij wilde hem al helemaal niet achterlaten. Maar wat kon hij anders doen? Hij kon hier immers niet blijven zitten, hij kende het gebied niet, dus hij wist ook niet of het hier gevaarlijk was. Toch - ondanks hij het eigenlijk niet wilde - stond hij op, na een laatste blik op zijn vriend geworpen te hebben.
"Het spijt me," mompelde hij. Hij snapte wel dat het niet echt zijn schuld was en dat Jasper het meeste had uitgevogeld, maar hij voelde zich toch wat schuldig. Hij schudde het gevoel snel van zich af, hij moest iets gaan doen, hier blijven janken zou niemand helpen. Jasper had vast gewild dat hij verder zou gaan. 
Zo haalde hij zichzelf over om de plek te verlaten en op zoek te gaan naar de bewoonde wereld - als die er überhaupt was. Nogmaals keek hij om zich heen, en zijn oog viel al snel op een hoge berg. Vanaf daar zou hij vast een dorpje of iets in die richting kunnen spotten, en dus ging hij op weg. 
Anoniem
Wereldberoemd



Het was nog een best lange rit om bij de plek te komen waar de flits vandaan kwam, het was namelijk helemaal aan de andere kant van het bos. Na een tijdje liet ik mijn merrie rusten en liet haar wat drinken bij het riviertje en keek zelf om mij heen om te zien of er geen spinnen in de buurt waren, want ik was namelijk in het spinnen gebied. Als ze klaar was, spoorde ik haar weer aan en reed snel verder. Ik merkte dat mijn merrie het niet prettig vond om hier door heen te rennen, maar het was het snelste om bij die plek te komen. Even haalde ik diep adem en liet haar rustiger rijden toen ik wat opmerkte, maar al snel liet ik haar weer sneller gaan. Zo snel ze kon, galoppeerde mijn merrie over de paden. Een normaal mens of dwerg zou hier zo verdwalen doordat het bos een soort mist bevat waardoor je helemaal gek werd als je er te lang in door loopt. Gelukkig had mijn vader mij toegewezen, toen ik voor het eerst het bos in mocht, dat ik gewoon recht op mijn doel af moet gaan, en zo kreeg je geen last van de mist. Alleen het vervelende was, sommige Orc's wisten dat ook en konden, af en toe, makkelijk door het bos komen. Gelukkig waren er grotere dieren hier dan de Orc's die ze tegen hield. 
Het duurde eigenlijk niet lang meer, of ik kwam aan bij de rand van het bos en liet mijn merrie stoppen, sprong er af en keek weer om mij heen. Dan zag ik iemand liggen in het gras, meer verkoolt gras kon je het noemen. Snel liep ik naar die persoon toe en hurkte neer, legde mijn hand in zijn hals en merkte dat hij dood was. Rustig rolde ik het persoon om, op zijn rug en bekeek wie deze persoon was. Ik herkende de persoon niet meteen, maar dat was zeker door zijn kleding. Het voelde vreemd aan, maar toch weer fijn. Even glimlachte ik, maar al snel zocht ik naar spullen die misschien een Orc een plezier kon doen. Als ik wat had gevonden, en een raar leren mapje, stopte ik de spullen in mijn tas, maar hielt het mapje in mijn handen, opende het en keek naar wat er in zat. Er zaten vreemde dingen in, dingen met zijn hoofd er op en papieren dingen, één van die dingen pakte ik er uit en bekeek het goed, "Vreemd." mompelde ik in het Elfs en stopte het snel weer terug in het leren mapje, stopte dat weer in mijn tas en stond op. Tilde het persoon op en bracht die het bos in. Mijn moeder zei altijd "Als je iemand niet persoonlijk kent, en ziet er niet gevaarlijk uit, geef zijn of haar lichaam rust." Deze woorden hielt ik altijd bij mij en begroef de persoon met een klein ritueeltje. 
Azelf
Straatmuzikant



Excuses voor het lettertype. 

Ik wist niet eens hoelang ik nu al aan het lopen was. Het konden uren zijn, dagen of zelfs weken. Het had niet lang geduurt voor het bos me op mijn zenuwen begon te werken. het leek alsof ik alleen maar rondjes aan het lopen was, elke boom leek weer precies op de volgende. Inmiddels was ik de berg al lang uit het oog verloren; al dagen was ik volledig omringt door het woud. Ik had honger en ondraaglijke dorst. s' Nachts kon ik geen oog dicht doen, bang voor alles wat zou kunnen gebeuren en verteerd door de dood van mijn beste vriend. Ik was de waanzin nabij, het enige wat me bij mijn zinnen hield, was de pijn in mijn buik, door honger veroorzaakt. Ik was uitgeput, en toen ik even ging zitten om op adem te komen, merkte ik dat de zonnestralen steeds meer afnamen: de nacht was op komst, en de snijdende wind die opstak beloofde dat het koud zou worden. De avonden ervoor had ik steeds onderdak kunnen vinden bij een grot of een plek met hele dichte begroeiing, maar tot nu was ik niets wat daar op leek tegengekomen. Ik kon niet meer, ik was er helemaal klaar mee. Wat had het nog voor zin om verder te zoeken? Ik zou hier nooit meer wegkomen, waarschijnlijk omkomen van de honger of dorst.
Uitgeput ging ik zitten, tegen een boom aan. Het werd steeds donkerder en na het tijdje voelde ik mijn oogleden steeds zwaarder worden, waarna de slaap me als een vriend verwelkomde. 

Anoniem
Wereldberoemd



Nadat ik klaar was met de jongen stond ik op en gooide nog enkele bloemblaadjes over het graf en draaide mij toen om. Kort sloot ik mijn ogen en keek later omhoog naar de lucht. Mijn ogen kneep ik iets samen toen ik merkte dat de lucht snel donker werd. "Ik moet maar eens terug gaan." mompelde ik en floot op mijn vingers. Al snel kwam mijn merrie aan gelopen en ik aaide haar over haar neus. "We gaan terug, er komt een storm aan." zei ik en steeg snel op. Rustig begon ze te lopen en hielt de teugels losjes in mijn handen. Ze wist de weg, dus daar vertrouwde ik op. Zachtjes begon ik een lied te zingen en sloot mijn ogen, maar toch hielt ik mijn gehoor scherp op enkele andere wezens die hier leefde. Vaak kwamen de spinnen nu tot leven en daar wilde je niet in terecht komen. 

Plots hielt mijn merrie stil, na een lange tijd gelopen te hebben, waardoor ik snel mijn ogen opende en mijn hand op het heft van mijn zwaard legde. "Wat is er?" fluisterde ik en begon zelf goed te luisteren. Al snel hoorde ik het ook en steeg af. "Blijf in de buurt, ik roep je wel als ik je nodig heb." zei ik en liep toen de kant uit waar het geluid vandaan kwam. Voorzichtig liep ik door en bleef op mijn hoeden. 
Mijn ogen werden groot toen ik enkele spinnen rond iemand heen stonden, die al ingewikkeld was in hun web, en omhoog takelde. Die smerige wezens hadden weer iemand te pakken. Het was een lange tijd dat ze te eten hadden, maar meestal waren dat dieren die ronddwaalde. 
Voorzichtig sloop ik dichter bij en probeerde te luisteren wat de spinnen te zeggen hadden. Maar dan zag ik nog, voordat hun web hem helemaal inpakte, andere kleding aan had. Het leek wel die zelfde kleding als de jongen die ik eerder op de dag had begraven. 
Plaats een reactie
Reageer
Om nieuwe berichten te laden: ingeschakeld