Weronika schreef:
Ariël,
Ik lach een beetje ongemakkelijk en pak het servetje van hem aan. "Het geeft niet." zeg ik en probeer het zelf zo goed mogelijk weg te vegen. Als het goed genoeg is gooi ik het servetje weg en begin zelf ook te eten. "Ow, Sam mag ik even je nummer zodat ik die foto kan sturen?" vraag ik en pak me mobiel. me moeder had hem naar me mobiel stuurt via de wifi-optie in de camera. Samuel geeft mij zijn nummer en ik stuur de foto naar hem. Ik zet er nog in het klein bij; 'laat deze aan zo min mogelijk mensen zin, het liefst helemaal geen.' Ik verzend het en sla zijn nummer gelijk op, Wat ben ik aan het doen? Hem de foto sturen kan wel maar zijn nummer opslaan.. Ik kijk naar de verwijder knop en klik erop. Ik kijk even naar de Ja en Nee knoppen en klik toch maar op nee. Ik stop hem weg in me broekzak. Daarna ga ik verder met me eten. Als we klaar zijn verlaten we het restaurant en gaan naar de auto.
"Ariël, wakker worden." hoor ik me moeder fluisteren en ik open me ogen. "Niet bewegen." zegt ze en wijst naar Sam. Mijn hoofd ligt weer op zijn schouder en nu ligt zijn hoofd op mijn hoofd te rusten. Ik hou zijn hoofd voorzichtig tegen zodat hij niet wakker word en kijk naar me moeder als ik weer recht zit. "We zijn over een half uurtje thuis, maar er is nog wat tijd over dus als je wilt kan Sam even blijven." Ik kijk naar Sam die aan het slapen is en denk even na. "Vooruit dan maar." zeg ik met een kleine zucht. Ik weet dat dit onderdeel is van me ouders scooter-plan, dus ik kan maar beter doen wat ze me vragen. Me moeder geeft me een appel en draait zich weer bij. Ik leun achterover en veeg de appel half schoon met me shirt. Vervolgens begin ik te eten. Ik neem nog een paar happen en al snel is het op. Ik geef het klokhuis aan me moeder die het in een plastic zakje doet. "Kan ik nog even slapen in een half uur denk je?" vraag ik en me moeder haalt haar schouders op. Ik zucht en rek me een beetje uit. Vervolgens leun ik naar achter, ga fijn zitten en sluit me ogen. Het zou nog even duren voor we er zijn dus ik kan net zo goed gaan slapen.
"Wakker worden jongens!" roept me vader vrolijk en stapt uit de auto. Ik gaap en rek me uit, Samuel doet hetzelfde. Sam zit aan de kant van de stoep dus hij stapt als eerste uit en vervolgens schuifel ik over de bank naar de deur. Ik gaap nog eens wrijf in me ogen. Sam helpt me eruit en ik rek me voor de zoveelste keer uit. "Zullen we naar binnen?" vraag ik en wil net gaan als ik een groepje van drie jongens zie die naar Sam zwaaien. Ik glimlach en loop met hem mee naar het groepje. Ik glimlach en kijk hun aan. Het word ongemakkelijk stil dus ik begin te praten, "Jij bent Johan, dat weet ik wel maar jullie ken ik nog niet." zeg ik en wijs naar de andere twee jongens. Ze stellen zich voor en ik knik. Als ik merk dat ze zich niet op hun gemak voelen loop ik wat naar achter. "Ik zie jullie wel." zeg ik en loop dan naar binnen.