Hier komen de laatste 3 forum topics
te staan waarop je hebt gereageerd.
+ Plaats shout
Bluesweater
nieuwe competitie online! lekker puzzelen!
0 | 0 | 0 | 0
0%
Om mee te kunnen praten op het forum dien je ingelogd te zijn.Nog geen account? Klik hier om een gratis account aan te maken.

> Sluiten
Helper
16 van de 24 sterren behaald

Forum

ORPG, gedichten en schrijvers < Virtual Popstar Eerste | Vorige | Pagina: | Volgende | Laatste
RPG Carcera Castra
Develish
Karaoke-ster



Bedoel je dit?

Overheid/Bewakers (0.2 jongen +meisje)

 

Kampelingen (Een jongens en een meisje)

Dan snap ik je nog steeds niet :'D


Oh ja! Nou je hebt de mensen die in het kamp zitten: De Kampelingen. En de mensen die ze bewaken. De bewakers :3 Zo duidelijker? 

Ik wil eigenlijk een bewaker :3

http://virtualpopstar.com/social/forum?category=5&topic=273036

H
ier is een ORPG van mij en AnnaJacoba.

Wat voor rol wil je?
Azelf
Straatmuzikant



Oh ja! Nou je hebt de mensen die in het kamp zitten: De Kampelingen. En de mensen die ze bewaken. De bewakers :3 Zo duidelijker? 

Ik wil eigenlijk een bewaker :3

http://virtualpopstar.com/social/forum?category=5&topic=273036

H
ier is een ORPG van mij en AnnaJacoba.

Wat voor rol wil je?

Laryanue
Karaoke-ster



Als u misschien een stukje kunt plaatsen? Ik moet nog van alles uitzoeken hier en ben ontiegelijk lui <img src='/layout/nl/images/smileys/smile.gif' alt='<img src='/layout/nl/images/smileys/smile.gif' alt='<img src='/layout/nl/images/smileys/smile.png' alt=':)'>'>'>

Je mag kiezen, een met zombies of een zonder zombies.

Doe maar met, I like zombies.

Schoten werden gelost, overstemden het geluid van grommende wezens en hun kreunende slachtoffers. Lichamen vielen ter aarde met doffe dreunen, bloed kleurde de straten rood. Meer dan eens hoorde hij het pijnlijke geluid van een gillende vrouw, een geluid van een hulpeloos persoon, het ging door merg en been. Je kon niet iedereen helpen, werd er door velen gezegd, maar de jonge soldaat voelde zich alsof zijn hart eruit werd gerukt. Hij voelde zich alsof zijn longen werden fijngeknepen bij elk geluid van een hulpeloos slachtoffer van de horde wezens die zich steeds dichter naar hen toe drong. Niet ver van hem lag de gillende vrouw pijn op de grond, haar ledematen werden van haar romp afgereten alsof het de wezens geen moeite kostte. Hij kon botten horen breken, zelfs zijn geweer overstemde dit geluid niet. Het was alsof alle geluiden verdwenen en alleen de tekenen van pijn in de lucht bleven hangen. Ze waaiden niet weg met het zachte briesje dat door de lucht zweefde, maar drongen zich waar ze zich maar konden krijgen.
Bloedspetters spatten de lucht in bij elke uithaal, aderen werden doorboord met slechts nagels en tanden. Haar lichaam werd aan stukken gereten terwijl zij toe moest kijken naar de gruwelen die haar werden aangedaan. Ze konden haar alleen uit haar lijden verlossen met de geweren die ze hadden, maar waren al te laat om dit te doen. Het gillen hield op, maar nog steeds werd haar huid verscheurd, werden haar ingewanden gretig naar binnen gewerkt. Het zicht was misselijkmakend toen hij zijn geweer op de groep met deze vreselijke beesten richtte.

 

Ze leken op mensen, maar diep van binnen waren ze monsters. Ze waren alleen maar uit op bloed en het vlees van de levende wezens om hen heen. Hoewel ze elkaar met rust lieten, kon niemand ongemerkt voorbij hen lopen. Ze hadden betere zintuigen dan een normaal mens, al leken ze niet dezelfde intelligentie te hebben. Ze deinsden niet terug voor wapens. Ze hadden maar een doel, en dat was om elk mens te doden. Als ze zo door gingen waren er geen mensen meer om te doden, zelfs het leger kon men niet optimaal beschermen. Niet alleen de gewone burgers, maar ook de soldaten vielen een voor een.
Ze werden steeds verder teruggedrongen, verloren steeds meer mensen. ‘Wiens idee was die verdomde verplaatsing naar zone 1b?’ schreeuwde een soldaat over het oorverdovende geluid van vurende geweren. De jonge soldaat stond vooraan de linie met een machinegeweer in zijn handen. Met zijn vinger had hij de trekker naar achteren getrokken en richtte hij op alles dat bewoog. Diverse lichamen vielen ter aarde, vielen aan zijn hand. Ze werden levenloos achtergelaten, als lege hulzen van de mensen die ze ooit waren. Mensen die veranderd waren in kannibalen, monsters.
Onderzoekers waren nog steeds niet zo ver dat ze wisten hoe ze het moesten genezen, maar het verspreidde zich sneller dan men voor mogelijk had gehouden. Het ging zo snel, dat contact met de geïnfecteerden werd vermeden. Sommige mensen uitzonderingen, ze waren in contact gekomen met deze monsters, maar leken geen inhumaan gedrag te vertonen. Ze leefden als elk ander, als je dit een leven kon noemen.
Sinds de uitbraak van de epidemie, waren alle grenzen gesloten. Heel Amerika was afgesloten van de buitenwereld. Niemand kwam er meer in. Alsof iemand ook maar een voet op deze gronden wilde zetten. Er heerste hier een epidemie, een die iedereen in een moorddadig beest veranderde. De wezens voor hem waren beesten in menselijke vorm. Ze behielden hun eigen lichaam, maar gedroegen zich als monsters.
Het leek eeuwen te duren voordat de groep geïnfecteerden met de grond gelijk was gemaakt. De straten voor hen leek een slagveld. Tientallen lijken, van zowel geïnfecteerden als onschuldige burgers, lagen op het asfalt. Met pijn in zijn hart had hij velen van hen neergeschoten, maar hij had zijn redenen om dit te doen. Deze mensen leefden niet, hun hart mocht dan wel kloppen, ze zouden nooit leven als een echt mens. Ze zouden nooit meer zijn zoals ze ooit waren.
Velen raakten geïnfecteerd tijdens hun tochten naar de havens van New York en San Francisco, de enige havens in het noorden die nog intact waren. De meeste mensen waren niet gek genoeg om het stedelijk gebied te doorkruisen, maar het leger had diverse posten opgezet om mensen op infecties te controleren en op een boot naar Europa en Azië te zetten. Hij had meer dan eens gehoord dat er ook havens waren in het zuidelijke continent, maar hij wist niet of hij deze verhalen wel kon geloven. Deze havens zouden opgezet zijn door schippers, maar welk mens was gek genoeg om dat te doen? Alleen het leger zou zoiets doen, en dat kwam omdat het hun taak was. Momenteel was het leger verspreid over heel Amerika in kleine groepen die overlevers naar hun bestemmingen brachten. Ze begeleidden de groepen via verschillende quarantainezones  naar de havens.
Deze groep was iets meer dan twee maanden geleden begonnen in Houston. Ze reisden langzaam, verzwakt door gewonden en overvallen. De groep bestond uit diverse ouderen, volwassenen van middelbare leeftijd, enkele jongeren en kinderen. Hoewel men elkaar voor de epidemie nooit eerder gezien had, gingen ze nu met elkaar om als broeders en zusters. Ze deelden eten, drinken en kleding. Wie ziek of verzwakt was hoefde zich geen zorgen te maken om in de steek gelaten te worden. Ze waren begonnen als een groep van 60 mensen, begeleid door 20 soldaten. Inmiddels was enkele tijd verstreken, en waren er nog maar 13 mensen en 3 soldaten over. Uiteindelijk hadden ze besloten om degenen die oud genoeg waren ook te bewapenen om de groep te kunnen beschermen.
‘Iedereen doorlopen, hoe eerder we in zone 1b zijn, hoe beter. We moeten niet te lang blijven wachten, wie weet wat we allemaal achter ons aan hebben zitten,’ klonk een barse stem vanuit de groep achter hem. Het was de oudste soldaat uit de groep, George Bishop. Hij had twee weken geleden de leiding genomen over de groep. In die twee weken waren er een stuk minder doden gevallen dan in de anderhalve maand daarvoor. Vandaag was niet hun geluksdag geweest, ze waren een groot deel kwijtgeraakt. Toch konden ze de hoop niet opgeven, het was nog maar een klein stukje lopen naar de havens. Ze bevonden zich inmiddels al in het stadse gebied, het was een kwestie van doorlopen, het kon niet ver zijn.
Hij kon de zilte zeelucht al ruiken, nog nooit had hij zo van deze geur genoten. Ondanks deze barre wereld om hen heen, de pijn die ze hadden moeten lijden, het verdriet, kreeg hij het voor elkaar om een glimlach op zijn gezicht te toveren. ‘Het is niet ver meer,’ zei hij om de mensen om hem heen moet toe te spreken. Hij kon de vrijheid bijna proeven, kon het bijna proeven om weg te zijn van deze besmette gronden. De vreugde en het ongeduld overspoelden hem, hij kon niet veel langer meer wachten. Hij verlangde naar zijn reis naar Europa, naar degelijk eten en een warm bed. Hij verlangde naar schone kleren en om eindelijk niet meer in angst te hoeven leven.
Hoge gebouwen maakten plaats voor een helderblauwe lucht, het zou een prachtige dag zijn om hier weg te gaan. Om eindelijk alles achter hem te laten. De havens kwamen in zicht, maar het uitzicht op de zee werd belemmerd door de barricades die het leger had neergezet. Overal marcheerden soldaten rond met wapens, altijd zoekend naar geïnfecteerden. Opgelucht liep hij vooruit. ‘Eindelijk, we zijn er.’
Opeens kwam iedereen voor hem tot stilstand, ze marcheerden niet meer rond alsof ze op zoek waren naar geïnfecteerden om neer te schieten. Ze dachten ze gevonden te hebben. ‘Wacht!’ riep hij toen hij zag dat meerdere wapens op hem en de groep waren gericht. ‘We zijn niet ziek! We zijn hier vanuit Houston gekomen om Amerika te verlaten!’ Hij stak zijn handen een klein stukje in de lucht om te laten zien dat hij geen kwaad meende.
Op dat moment gebeurde er iets wat hij nooit had verwacht, hij hoorde het geluid van een geweer, maar zag niet waar deze vandaan kwam, noch waar deze heen ging. Het enige wat hij wist, was dat een plotselinge pijn zich door zijn bovenbeen boorde. Het voelde alsof iets zijn weg baande door zijn vlees, zonder zich iets aan te trekken van de pijn die het veroorzaakte.
Hij verloor zijn evenwicht en viel kreunend van de pijn op de grond. ‘Wat heeft dit te betekenen?’ vroeg hij, zijn stem gevuld met pijn. ‘We zijn gezond! Jullie horen ons hier weg te halen.’
‘Dachten jullie nou echt dat we het virus de kans zouden geven om zich verder te verspreiden?’ Iemand verderop barstte in lachen uit terwijl hij de jonge soldaat naderde. ‘Naïevelingen,’ mompelde de man die steeds dichterbij kwam. ‘Jullie tijd is geweest, soldaat.’ Het was het laatste dat hij kon horen voordat een knal zijn oren vulde en de wereld verdween.

 

Develish
Karaoke-ster



Je mag kiezen, een met zombies of een zonder zombies.

Doe maar met, I like zombies.

Schoten werden gelost, overstemden het geluid van grommende wezens en hun kreunende slachtoffers. Lichamen vielen ter aarde met doffe dreunen, bloed kleurde de straten rood. Meer dan eens hoorde hij het pijnlijke geluid van een gillende vrouw, een geluid van een hulpeloos persoon, het ging door merg en been. Je kon niet iedereen helpen, werd er door velen gezegd, maar de jonge soldaat voelde zich alsof zijn hart eruit werd gerukt. Hij voelde zich alsof zijn longen werden fijngeknepen bij elk geluid van een hulpeloos slachtoffer van de horde wezens die zich steeds dichter naar hen toe drong. Niet ver van hem lag de gillende vrouw pijn op de grond, haar ledematen werden van haar romp afgereten alsof het de wezens geen moeite kostte. Hij kon botten horen breken, zelfs zijn geweer overstemde dit geluid niet. Het was alsof alle geluiden verdwenen en alleen de tekenen van pijn in de lucht bleven hangen. Ze waaiden niet weg met het zachte briesje dat door de lucht zweefde, maar drongen zich waar ze zich maar konden krijgen.
Bloedspetters spatten de lucht in bij elke uithaal, aderen werden doorboord met slechts nagels en tanden. Haar lichaam werd aan stukken gereten terwijl zij toe moest kijken naar de gruwelen die haar werden aangedaan. Ze konden haar alleen uit haar lijden verlossen met de geweren die ze hadden, maar waren al te laat om dit te doen. Het gillen hield op, maar nog steeds werd haar huid verscheurd, werden haar ingewanden gretig naar binnen gewerkt. Het zicht was misselijkmakend toen hij zijn geweer op de groep met deze vreselijke beesten richtte.

 

Ze leken op mensen, maar diep van binnen waren ze monsters. Ze waren alleen maar uit op bloed en het vlees van de levende wezens om hen heen. Hoewel ze elkaar met rust lieten, kon niemand ongemerkt voorbij hen lopen. Ze hadden betere zintuigen dan een normaal mens, al leken ze niet dezelfde intelligentie te hebben. Ze deinsden niet terug voor wapens. Ze hadden maar een doel, en dat was om elk mens te doden. Als ze zo door gingen waren er geen mensen meer om te doden, zelfs het leger kon men niet optimaal beschermen. Niet alleen de gewone burgers, maar ook de soldaten vielen een voor een.
Ze werden steeds verder teruggedrongen, verloren steeds meer mensen. ‘Wiens idee was die verdomde verplaatsing naar zone 1b?’ schreeuwde een soldaat over het oorverdovende geluid van vurende geweren. De jonge soldaat stond vooraan de linie met een machinegeweer in zijn handen. Met zijn vinger had hij de trekker naar achteren getrokken en richtte hij op alles dat bewoog. Diverse lichamen vielen ter aarde, vielen aan zijn hand. Ze werden levenloos achtergelaten, als lege hulzen van de mensen die ze ooit waren. Mensen die veranderd waren in kannibalen, monsters.
Onderzoekers waren nog steeds niet zo ver dat ze wisten hoe ze het moesten genezen, maar het verspreidde zich sneller dan men voor mogelijk had gehouden. Het ging zo snel, dat contact met de geïnfecteerden werd vermeden. Sommige mensen uitzonderingen, ze waren in contact gekomen met deze monsters, maar leken geen inhumaan gedrag te vertonen. Ze leefden als elk ander, als je dit een leven kon noemen.
Sinds de uitbraak van de epidemie, waren alle grenzen gesloten. Heel Amerika was afgesloten van de buitenwereld. Niemand kwam er meer in. Alsof iemand ook maar een voet op deze gronden wilde zetten. Er heerste hier een epidemie, een die iedereen in een moorddadig beest veranderde. De wezens voor hem waren beesten in menselijke vorm. Ze behielden hun eigen lichaam, maar gedroegen zich als monsters.
Het leek eeuwen te duren voordat de groep geïnfecteerden met de grond gelijk was gemaakt. De straten voor hen leek een slagveld. Tientallen lijken, van zowel geïnfecteerden als onschuldige burgers, lagen op het asfalt. Met pijn in zijn hart had hij velen van hen neergeschoten, maar hij had zijn redenen om dit te doen. Deze mensen leefden niet, hun hart mocht dan wel kloppen, ze zouden nooit leven als een echt mens. Ze zouden nooit meer zijn zoals ze ooit waren.
Velen raakten geïnfecteerd tijdens hun tochten naar de havens van New York en San Francisco, de enige havens in het noorden die nog intact waren. De meeste mensen waren niet gek genoeg om het stedelijk gebied te doorkruisen, maar het leger had diverse posten opgezet om mensen op infecties te controleren en op een boot naar Europa en Azië te zetten. Hij had meer dan eens gehoord dat er ook havens waren in het zuidelijke continent, maar hij wist niet of hij deze verhalen wel kon geloven. Deze havens zouden opgezet zijn door schippers, maar welk mens was gek genoeg om dat te doen? Alleen het leger zou zoiets doen, en dat kwam omdat het hun taak was. Momenteel was het leger verspreid over heel Amerika in kleine groepen die overlevers naar hun bestemmingen brachten. Ze begeleidden de groepen via verschillende quarantainezones  naar de havens.
Deze groep was iets meer dan twee maanden geleden begonnen in Houston. Ze reisden langzaam, verzwakt door gewonden en overvallen. De groep bestond uit diverse ouderen, volwassenen van middelbare leeftijd, enkele jongeren en kinderen. Hoewel men elkaar voor de epidemie nooit eerder gezien had, gingen ze nu met elkaar om als broeders en zusters. Ze deelden eten, drinken en kleding. Wie ziek of verzwakt was hoefde zich geen zorgen te maken om in de steek gelaten te worden. Ze waren begonnen als een groep van 60 mensen, begeleid door 20 soldaten. Inmiddels was enkele tijd verstreken, en waren er nog maar 13 mensen en 3 soldaten over. Uiteindelijk hadden ze besloten om degenen die oud genoeg waren ook te bewapenen om de groep te kunnen beschermen.
‘Iedereen doorlopen, hoe eerder we in zone 1b zijn, hoe beter. We moeten niet te lang blijven wachten, wie weet wat we allemaal achter ons aan hebben zitten,’ klonk een barse stem vanuit de groep achter hem. Het was de oudste soldaat uit de groep, George Bishop. Hij had twee weken geleden de leiding genomen over de groep. In die twee weken waren er een stuk minder doden gevallen dan in de anderhalve maand daarvoor. Vandaag was niet hun geluksdag geweest, ze waren een groot deel kwijtgeraakt. Toch konden ze de hoop niet opgeven, het was nog maar een klein stukje lopen naar de havens. Ze bevonden zich inmiddels al in het stadse gebied, het was een kwestie van doorlopen, het kon niet ver zijn.
Hij kon de zilte zeelucht al ruiken, nog nooit had hij zo van deze geur genoten. Ondanks deze barre wereld om hen heen, de pijn die ze hadden moeten lijden, het verdriet, kreeg hij het voor elkaar om een glimlach op zijn gezicht te toveren. ‘Het is niet ver meer,’ zei hij om de mensen om hem heen moet toe te spreken. Hij kon de vrijheid bijna proeven, kon het bijna proeven om weg te zijn van deze besmette gronden. De vreugde en het ongeduld overspoelden hem, hij kon niet veel langer meer wachten. Hij verlangde naar zijn reis naar Europa, naar degelijk eten en een warm bed. Hij verlangde naar schone kleren en om eindelijk niet meer in angst te hoeven leven.
Hoge gebouwen maakten plaats voor een helderblauwe lucht, het zou een prachtige dag zijn om hier weg te gaan. Om eindelijk alles achter hem te laten. De havens kwamen in zicht, maar het uitzicht op de zee werd belemmerd door de barricades die het leger had neergezet. Overal marcheerden soldaten rond met wapens, altijd zoekend naar geïnfecteerden. Opgelucht liep hij vooruit. ‘Eindelijk, we zijn er.’
Opeens kwam iedereen voor hem tot stilstand, ze marcheerden niet meer rond alsof ze op zoek waren naar geïnfecteerden om neer te schieten. Ze dachten ze gevonden te hebben. ‘Wacht!’ riep hij toen hij zag dat meerdere wapens op hem en de groep waren gericht. ‘We zijn niet ziek! We zijn hier vanuit Houston gekomen om Amerika te verlaten!’ Hij stak zijn handen een klein stukje in de lucht om te laten zien dat hij geen kwaad meende.
Op dat moment gebeurde er iets wat hij nooit had verwacht, hij hoorde het geluid van een geweer, maar zag niet waar deze vandaan kwam, noch waar deze heen ging. Het enige wat hij wist, was dat een plotselinge pijn zich door zijn bovenbeen boorde. Het voelde alsof iets zijn weg baande door zijn vlees, zonder zich iets aan te trekken van de pijn die het veroorzaakte.
Hij verloor zijn evenwicht en viel kreunend van de pijn op de grond. ‘Wat heeft dit te betekenen?’ vroeg hij, zijn stem gevuld met pijn. ‘We zijn gezond! Jullie horen ons hier weg te halen.’
‘Dachten jullie nou echt dat we het virus de kans zouden geven om zich verder te verspreiden?’ Iemand verderop barstte in lachen uit terwijl hij de jonge soldaat naderde. ‘Naïevelingen,’ mompelde de man die steeds dichterbij kwam. ‘Jullie tijd is geweest, soldaat.’ Het was het laatste dat hij kon horen voordat een knal zijn oren vulde en de wereld verdween.

 


Ja, ik uh, had dit niet mogen vragen.
Azelf
Straatmuzikant



Doe maar met, I like zombies.

Schoten werden gelost, overstemden het geluid van grommende wezens en hun kreunende slachtoffers. Lichamen vielen ter aarde met doffe dreunen, bloed kleurde de straten rood. Meer dan eens hoorde hij het pijnlijke geluid van een gillende vrouw, een geluid van een hulpeloos persoon, het ging door merg en been. Je kon niet iedereen helpen, werd er door velen gezegd, maar de jonge soldaat voelde zich alsof zijn hart eruit werd gerukt. Hij voelde zich alsof zijn longen werden fijngeknepen bij elk geluid van een hulpeloos slachtoffer van de horde wezens die zich steeds dichter naar hen toe drong. Niet ver van hem lag de gillende vrouw pijn op de grond, haar ledematen werden van haar romp afgereten alsof het de wezens geen moeite kostte. Hij kon botten horen breken, zelfs zijn geweer overstemde dit geluid niet. Het was alsof alle geluiden verdwenen en alleen de tekenen van pijn in de lucht bleven hangen. Ze waaiden niet weg met het zachte briesje dat door de lucht zweefde, maar drongen zich waar ze zich maar konden krijgen.
Bloedspetters spatten de lucht in bij elke uithaal, aderen werden doorboord met slechts nagels en tanden. Haar lichaam werd aan stukken gereten terwijl zij toe moest kijken naar de gruwelen die haar werden aangedaan. Ze konden haar alleen uit haar lijden verlossen met de geweren die ze hadden, maar waren al te laat om dit te doen. Het gillen hield op, maar nog steeds werd haar huid verscheurd, werden haar ingewanden gretig naar binnen gewerkt. Het zicht was misselijkmakend toen hij zijn geweer op de groep met deze vreselijke beesten richtte.

 

Ze leken op mensen, maar diep van binnen waren ze monsters. Ze waren alleen maar uit op bloed en het vlees van de levende wezens om hen heen. Hoewel ze elkaar met rust lieten, kon niemand ongemerkt voorbij hen lopen. Ze hadden betere zintuigen dan een normaal mens, al leken ze niet dezelfde intelligentie te hebben. Ze deinsden niet terug voor wapens. Ze hadden maar een doel, en dat was om elk mens te doden. Als ze zo door gingen waren er geen mensen meer om te doden, zelfs het leger kon men niet optimaal beschermen. Niet alleen de gewone burgers, maar ook de soldaten vielen een voor een.
Ze werden steeds verder teruggedrongen, verloren steeds meer mensen. ‘Wiens idee was die verdomde verplaatsing naar zone 1b?’ schreeuwde een soldaat over het oorverdovende geluid van vurende geweren. De jonge soldaat stond vooraan de linie met een machinegeweer in zijn handen. Met zijn vinger had hij de trekker naar achteren getrokken en richtte hij op alles dat bewoog. Diverse lichamen vielen ter aarde, vielen aan zijn hand. Ze werden levenloos achtergelaten, als lege hulzen van de mensen die ze ooit waren. Mensen die veranderd waren in kannibalen, monsters.
Onderzoekers waren nog steeds niet zo ver dat ze wisten hoe ze het moesten genezen, maar het verspreidde zich sneller dan men voor mogelijk had gehouden. Het ging zo snel, dat contact met de geïnfecteerden werd vermeden. Sommige mensen uitzonderingen, ze waren in contact gekomen met deze monsters, maar leken geen inhumaan gedrag te vertonen. Ze leefden als elk ander, als je dit een leven kon noemen.
Sinds de uitbraak van de epidemie, waren alle grenzen gesloten. Heel Amerika was afgesloten van de buitenwereld. Niemand kwam er meer in. Alsof iemand ook maar een voet op deze gronden wilde zetten. Er heerste hier een epidemie, een die iedereen in een moorddadig beest veranderde. De wezens voor hem waren beesten in menselijke vorm. Ze behielden hun eigen lichaam, maar gedroegen zich als monsters.
Het leek eeuwen te duren voordat de groep geïnfecteerden met de grond gelijk was gemaakt. De straten voor hen leek een slagveld. Tientallen lijken, van zowel geïnfecteerden als onschuldige burgers, lagen op het asfalt. Met pijn in zijn hart had hij velen van hen neergeschoten, maar hij had zijn redenen om dit te doen. Deze mensen leefden niet, hun hart mocht dan wel kloppen, ze zouden nooit leven als een echt mens. Ze zouden nooit meer zijn zoals ze ooit waren.
Velen raakten geïnfecteerd tijdens hun tochten naar de havens van New York en San Francisco, de enige havens in het noorden die nog intact waren. De meeste mensen waren niet gek genoeg om het stedelijk gebied te doorkruisen, maar het leger had diverse posten opgezet om mensen op infecties te controleren en op een boot naar Europa en Azië te zetten. Hij had meer dan eens gehoord dat er ook havens waren in het zuidelijke continent, maar hij wist niet of hij deze verhalen wel kon geloven. Deze havens zouden opgezet zijn door schippers, maar welk mens was gek genoeg om dat te doen? Alleen het leger zou zoiets doen, en dat kwam omdat het hun taak was. Momenteel was het leger verspreid over heel Amerika in kleine groepen die overlevers naar hun bestemmingen brachten. Ze begeleidden de groepen via verschillende quarantainezones  naar de havens.
Deze groep was iets meer dan twee maanden geleden begonnen in Houston. Ze reisden langzaam, verzwakt door gewonden en overvallen. De groep bestond uit diverse ouderen, volwassenen van middelbare leeftijd, enkele jongeren en kinderen. Hoewel men elkaar voor de epidemie nooit eerder gezien had, gingen ze nu met elkaar om als broeders en zusters. Ze deelden eten, drinken en kleding. Wie ziek of verzwakt was hoefde zich geen zorgen te maken om in de steek gelaten te worden. Ze waren begonnen als een groep van 60 mensen, begeleid door 20 soldaten. Inmiddels was enkele tijd verstreken, en waren er nog maar 13 mensen en 3 soldaten over. Uiteindelijk hadden ze besloten om degenen die oud genoeg waren ook te bewapenen om de groep te kunnen beschermen.
‘Iedereen doorlopen, hoe eerder we in zone 1b zijn, hoe beter. We moeten niet te lang blijven wachten, wie weet wat we allemaal achter ons aan hebben zitten,’ klonk een barse stem vanuit de groep achter hem. Het was de oudste soldaat uit de groep, George Bishop. Hij had twee weken geleden de leiding genomen over de groep. In die twee weken waren er een stuk minder doden gevallen dan in de anderhalve maand daarvoor. Vandaag was niet hun geluksdag geweest, ze waren een groot deel kwijtgeraakt. Toch konden ze de hoop niet opgeven, het was nog maar een klein stukje lopen naar de havens. Ze bevonden zich inmiddels al in het stadse gebied, het was een kwestie van doorlopen, het kon niet ver zijn.
Hij kon de zilte zeelucht al ruiken, nog nooit had hij zo van deze geur genoten. Ondanks deze barre wereld om hen heen, de pijn die ze hadden moeten lijden, het verdriet, kreeg hij het voor elkaar om een glimlach op zijn gezicht te toveren. ‘Het is niet ver meer,’ zei hij om de mensen om hem heen moet toe te spreken. Hij kon de vrijheid bijna proeven, kon het bijna proeven om weg te zijn van deze besmette gronden. De vreugde en het ongeduld overspoelden hem, hij kon niet veel langer meer wachten. Hij verlangde naar zijn reis naar Europa, naar degelijk eten en een warm bed. Hij verlangde naar schone kleren en om eindelijk niet meer in angst te hoeven leven.
Hoge gebouwen maakten plaats voor een helderblauwe lucht, het zou een prachtige dag zijn om hier weg te gaan. Om eindelijk alles achter hem te laten. De havens kwamen in zicht, maar het uitzicht op de zee werd belemmerd door de barricades die het leger had neergezet. Overal marcheerden soldaten rond met wapens, altijd zoekend naar geïnfecteerden. Opgelucht liep hij vooruit. ‘Eindelijk, we zijn er.’
Opeens kwam iedereen voor hem tot stilstand, ze marcheerden niet meer rond alsof ze op zoek waren naar geïnfecteerden om neer te schieten. Ze dachten ze gevonden te hebben. ‘Wacht!’ riep hij toen hij zag dat meerdere wapens op hem en de groep waren gericht. ‘We zijn niet ziek! We zijn hier vanuit Houston gekomen om Amerika te verlaten!’ Hij stak zijn handen een klein stukje in de lucht om te laten zien dat hij geen kwaad meende.
Op dat moment gebeurde er iets wat hij nooit had verwacht, hij hoorde het geluid van een geweer, maar zag niet waar deze vandaan kwam, noch waar deze heen ging. Het enige wat hij wist, was dat een plotselinge pijn zich door zijn bovenbeen boorde. Het voelde alsof iets zijn weg baande door zijn vlees, zonder zich iets aan te trekken van de pijn die het veroorzaakte.
Hij verloor zijn evenwicht en viel kreunend van de pijn op de grond. ‘Wat heeft dit te betekenen?’ vroeg hij, zijn stem gevuld met pijn. ‘We zijn gezond! Jullie horen ons hier weg te halen.’
‘Dachten jullie nou echt dat we het virus de kans zouden geven om zich verder te verspreiden?’ Iemand verderop barstte in lachen uit terwijl hij de jonge soldaat naderde. ‘Naïevelingen,’ mompelde de man die steeds dichterbij kwam. ‘Jullie tijd is geweest, soldaat.’ Het was het laatste dat hij kon horen voordat een knal zijn oren vulde en de wereld verdween.

 


Ja, ik uh, had dit niet mogen vragen.

OMG je bent idd hilarisch xD
Develish
Karaoke-ster



Ik wil eigenlijk een bewaker :3

http://virtualpopstar.com/social/forum?category=5&topic=273036

H
ier is een ORPG van mij en AnnaJacoba.

Wat voor rol wil je?


Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^
Azelf
Straatmuzikant



Wat voor rol wil je?


Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^

Jongen, svp, ik doe altijd jongens :'D
Carolynn
Internationale ster




Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^

Jongen, svp, ik doe altijd jongens :'D

Tuurlijk daarom ben je toch een meisje - om een jongen te DOEN
Azelf
Straatmuzikant



Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^

Jongen, svp, ik doe altijd jongens :'D

Tuurlijk daarom ben je toch een meisje - om een jongen te DOEN

Precies, jij snapt 'm xD
Laryanue
Karaoke-ster



Doe maar met, I like zombies.

[One son of a bitch of a short story]


Ja, ik uh, had dit niet mogen vragen.

Sorry, dearie. Deze was voor een schrijfwedstrijd.
Develish
Karaoke-ster




Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^

Jongen, svp, ik doe altijd jongens :'D

Ik zet hem voor je apart!
Azelf
Straatmuzikant



Jongen of meisje? :3
En dat wist ik natuurlijk uh ^^

Jongen, svp, ik doe altijd jongens :'D

Ik zet hem voor je apart!

Dankjee :d
Develish
Karaoke-ster



[One son of a bitch of a short story]


Ja, ik uh, had dit niet mogen vragen.

Sorry, dearie. Deze was voor een schrijfwedstrijd.

Don't worry. Zeg het maar, wat voor rol wilt u?
Laryanue
Karaoke-ster



Ja, ik uh, had dit niet mogen vragen.

Sorry, dearie. Deze was voor een schrijfwedstrijd.

Don't worry. Zeg het maar, wat voor rol wilt u?

Male Camper, I suppose.
Develish
Karaoke-ster



Tuurlijk niet!

Dit is mijn eerste ORPG <img src='/layout/nl/images/smileys/smiley_schamen.gif' alt='<img src='/layout/nl/images/smileys/smiley_schamen.png' alt=':$'>'>$

http://virtualpopstar.com/social/forum?category=5&topic=297773

...

Sorry sorry! Drukte. 
Je schrijft goed, maar gebruikt iets te vaak: Ze keek uit het raam. Ze at een boterham bv.

Misschien iets meer beschrijvingen van dingen? Plaatsen? 
Plaats een reactie
Reageer
Om nieuwe berichten te laden: ingeschakeld
Eerste | Vorige | Pagina: | Volgende | Laatste