Duchess schreef:
Warning, long story incoming.
'Daar,' wees Faelar. 'Hercules. Hercules was een halfgod: zijn vader was de oppergod van de Romeinen Jupiter, zijn moeder een gewone vrouw. Toen de vrouw van Jupiter, een godin (dus niet de moeder van Hercules), zag, dat Jupiter een tijdje naar de aarde was geweest, en daar met een vrouw getrouwd was, werd ze vreselijk kwaad, en ze probeerde Hercules zoveel mogelijk tegen te werken.Toen Hercules klein was, stuurde deze godin, Juno, twee slangen op zijn wieg af, maar Hercules was toen al zó sterk, dat hij de slangen helemaal fijn kneep. Hercules kwam in dienst van de koning toen hij 21 jaar oud was. Juno zei tegen de koning, dat hij Hercules twaalf zware opdrachten moest geven. Als hij ze allemaal had volbracht, zou Juno niet meer boos zijn. De eerste opdracht was het doden van een leeuw, die door geen enkel wapen gewond kon worden.Hercules wurgde hem met zijn blote handen. Als tweede taak moest hij de vreselijke waterslang doden (de waterslang staat ook aan de hemel). Deze slang had 9 koppen. Acht ervan kon je afrukken, maar dan kwamen er wel twee voor in de plaats, maar het negende was niet te doden.Toen Hercules de slang aanviel, stuurde Juno bovendien nog haar lievelingsdier, een kreeft (óók een sterrenbeeld).Hercules trapte de kreeft dood, en sloeg één voor één de acht sterfelijke koppen van de slang af, en schroeide de plaatsen waar die hadden gezeten, dicht met een brandende boom. De negende kop sloeg hij van de rest van het lichaam af en begroef hem met een hele zware steen er boven op.De derde opdracht was het vangen van een hert met een gouden gewei, dat erg schuw was. Pas na een jaar kon Hercules het te pakken krijgen. De vierde opdracht was het vangen van het grootste everzwijn op aarde. In de vijfde opdracht moest hij de stal van koning Augius schoonmaken. Het was daar zo'n ontzettende troep, dat het Hercules pas lukte, toen hij twee rivieren door de stallen heen liet stromen.Er waren in een moeras een aantal vogels met ijzeren klauwen en ijzeren snavels, die een heleboel schade veroorzaakten bij de boeren. Door met enorme kleppers te klepperen, ver joeg hij ze, en schoot de meeste met zijn pijl en boog dood.De zevende opdracht was het bedwingen van een bijzonder sterke en wilde stier. Hercules maakte er zelfs een gewillig dier van, waarop je kon rijden. De achtste opdracht was het temmen van wilde paarden, van een heel erg wrede en boos aardige koning. De paarden aten alleen mensen. Toen Hercules de koning aan de paarden gaf, en die opgegeten was, werden de paarden heel erg mak.Er woonde, heel ver weg, een volk van alleen vrouwen, die heel dapper en vechtlustig waren. Zij heetten de Amazones.De hoofdvrouw had een hele mooie, dure gordel. Hercules moest die, als negende opdracht, veroveren. Hij kreeg hem pas na een ontzettend gevecht te pakken.Als tiende opdracht moest hij de mooiste koeien ter wereld stelen bij een reus met drie hoofden, drie lichamen en zes armen en benen. De reus woonde vlak bij Spanje. Hercules ging er heen, en maakte de «zuilen van Hercules» (dat is de Straat van Gibraltar). Hercules versloeg de reus, en nam de runderen mee. De volgende opdracht was het bemachtigen van een gouden appel, bewaakt door een honderdkoppige draak.Door een list kreeg Hercules de appel en kon hij aan de twaalfde en laatste opdracht beginnen. Hij moest de bewaker van het dodenrijk Kerberos doden. Kerberos was de helhond, met afschuwelijke muilen, waaruit giftig speeksel droop.Elke kop had manen die bestonden uit slangen, en de staart op zichzelf was een draak. In het sterrenbeeld heft Hercules net z'n knuppel omhoog om de hond in zijn andere hand een geweldige slag te geven. Hercules wint.Omdat Hercules onsterfelijk is, is hij aan de hemel gezet toen hij hier van de aarde wegging.'