Hier komen de laatste 3 forum topics
te staan waarop je hebt gereageerd.
+ Plaats shout
Bluesweater
happy new year!!
0 | 0 | 0 | 0
0%
Om mee te kunnen praten op het forum dien je ingelogd te zijn.Nog geen account? Klik hier om een gratis account aan te maken.

> Sluiten
Helper
20 van de 24 sterren behaald

Forum

ORPG, gedichten en schrijvers < Virtual Popstar
Forever yaoi - Demish ft Seraph
Anoniem
YouTube-ster



Wij weten de vl, heb je interesse om hem te weten kan je mailen c:
De o bijt, dus niet reageren als je niet Demish of Seraph bent <3

Naam: Minao Suno
Leeftijd: 17
Innerlijk: wipwip
Uiterlijk: 
Extra:
Demish
Internationale ster



Jeray Tamani. 18

Fall


Normaal hielden de sterke bladeren en takken het geluid buiten, waar een beetje magie allemaal wel niet goed voor was, maar door hard geklop werd Jeray die ochtend tot gewekt. Met een afdruk van zijn eigen hand in zijn wang en slaperige ogen tilde hij zijn hoofd een stukje op. Zijn lichtblauwe ogen vonden de houten deur, omlijst met groene stengels en bladeren, waar opnieuw luid op werd geklopt. Een kreun verliet zijn lippen en hij liet zichzelf weer in het bed zakken. Als er iets was waar hij op dit moment geen zin in had, dan waren het ongeduldige en irritante mensen die hem kwamen vertellen wat hij moest doen. Als herfstelf was hij deels verantwoordelijk voor de magische drankjes die werden gemaakt. Het was één van zijn vele verplichtingen, maar op dit moment had hij er niet heel erg veel zin in.

‘Jeray!’ Een lichte meisjesstem schreeuwde zijn naam en herkende de stem als die van Meadow. Een klein, blond meisje waar hij al een groot deel van zijn leven mee om ging. Waarom ze als een gek op zijn deur aan het kloppen was, was hem een raadsel, maar aangezien zij het was, en niet iemand die hem aan zijn plichten ging herinneren, kwam hij uiteindelijk overeind en opende hij de houten deur.

‘Gelukkig, je bent er nog!’ Nog voordat de slaperige Jeray echt door had wat er aan de hand was, sloeg ze haar armen al om hem heen en nestelde ze zichzelf zo dicht mogelijk tegen hem aan.

‘Ja, ik ben er nog,’ mompelde hij en hij onderdrukte een gaap. Hij wreef in zijn ogen en veegde zijn zwarte haren uit zijn gezicht. Een beetje verward keek hij naar het meisje, wie zich goed tegen hem aan had geklampt. Zijn ogen gleden van haar naar buiten en hij zag dat Meadow niet de enige was die verwoed op zijn deur had geklopt. Er waren meerdere elven aan het rondrennen, sommigen schreeuwden zelfs. Het was een wonder dat hij dat niet had gehoord.

Uiteindelijk liet ze hem los en duwde ze hem een stukje naar achteren. Ze sloot de deur achter zich en leunde er vervolgens tegenaan. Haar ogen schoten nerveus de kamer rond, alsof ze er zeker van wilde zijn dat er niemand anders was. Ze haalde diep adem en haar blik rustte uiteindelijk op Jeray, wie weer op zijn bed was gaan zitten. Het liefst kroop hij weer onder de dunne deken, maar het was duidelijk dat er iets aan de hand was.

‘Iedereen… Iedereen is weg,’ fluisterde ze uiteindelijk.

‘Hoe bedoel je, iedereen is weg?’ Jeray trok zijn wenkbrauwen op. Hij was er toch? Zij was er, hij had mensen buiten rond zien rennen. Dan waren ze toch niet weg? Dan waren ze er gewoon.

‘Gewoon, iedereen! Mijn ouders, de oudere elven. Zelfs de koning is weg! Tot nu toe heb ik nog helemaal niemand gezien die ouder is dan ons!’

‘Wacht, wat?’ Jeray kwam overeind en keek door het raam naar buiten. ‘Koning Winter is weg?’

‘Ja, dat zeg ik toch! Hij is weg, zijn raadsmannen zijn weg. Er is werkelijk niemand die weet waar ze zijn, of wat we nu moeten doen!’ riep Meadow in frustratie uit. Ze liep naar hem toe en pakte zijn handen vast. ‘En… En de magie. Het is verdwenen,’ sprak ze wat zachter en ze schudde vervolgens haar hoofd.

Jeray zijn hoofd was nog te wazig om het allemaal door te hebben. De koning was weg, iedereen was weg. Hoe kon het dan zo zijn dat hij er nog was? En hoe kon de magie weg zijn? Dat kon toch niet opeens zomaar verdwijnen? Hij maakte zich los van Meadow en plukte één van de groene blaadjes boven zijn hoofd en hij vouwde hem in zijn handen. Na een paar seconden vouwde hij zijn handen weer open en er verscheen een rood en geel gekleurd blad, haast te droog om nog in één geheel in zijn handen te liggen.

‘Nooit! Dat kan niet! Ik kan niks meer!’ Meadow haar ogen waren groot van verbazing en ze nam het blaadje uit zijn handen. Ze vouwde het in haar handen, maar daardoor lag het blad al snel in stukjes op de grond, gebroken onder de handen van het meisje.

Plotseling klonken er drie hoge tonen, wat meestal betekende dat ze een bericht kregen van het paleis.

‘Elven van Avalon,’ klonk een jonge mannenstem. ‘Wij verzoeken jullie om niet te panikeren en naar het hoofdplein te komen, voor het paleis. Daar zullen wij jullie registreren. Daarna komen wij met verdere informatie.’

Anoniem
YouTube-ster



'Minao, Minao!' Minao deed zijn ogen open, en keek in het bolle gezicht van zijn boer. Hoewel Rai het tweeling broertje van Minao was, zou je het nooit kunnen raden. In tegenstelling tot Minao's tengere lichaam, was Rai bijzonder gezet, maar ook veel sterker dan Minao. Minao stond op, hij was weer tijdens het leren in slaap gevallen. Leren was voor Minao echt een hel, op de een of andere manier scheen zijn hoofd gewoon niet mee te werken. Hij keek in zijn schrift en zag dat hij de helft nog niet af had. Minao stond op en liep naar beneden om het ontbijt te halen. Minao en Rai waren de twee oudste zoons van een belangrijke raadsman van de koning. Dit betekende dat ze genoeg geld hadden om alles te doen wat ze wilden. Rai was zo af en toe behoorlijk associaal, in tegenstelling tot Minao, die zich het liefst langs de zijlijn hield. Toen ze beneden aankwamen, was het personeel al druk in de weer. 'Goedendag, meester.' Magda, de oude keukenhulp vloog langzaam met een hoop borden naar de keuken. Minao en Rai namen plaats, en wachtte tot het eten eraan kwam. Plotseling viel alles stil. 'Minao, waar blijft mn eten?' Rai was dus chagarijnig. 'Weet ik veel' Minao stond op, en liep naar de keuken. Alle mensen waren weg. 'Heeeehh' Minao trok een wenkbrouw op, en liep naar de kamer van zijn vader. Hij opende de deur en schrok toen hij zag dat zijn vader er niet zag. 'Holy christmass... Rai dude is dit een grap?' Minao riep vanaf de ene kant van de lange zaal naar de andere kant, maar ook Rai wist van niets. Minao  snelde de trappen af en rende in zijn bloemetjes pyama naar buiten, maar niemand scheen er van op te kijken. Allemaal kinderen dwarrelden over straat en er heerste een gespannen sfeer. 'Minao, loser je hebt je pyama nog aan...' Rai kwam naar buiten lopen in zijn dagelijkse uniform. Rai kleedde zich altijd officieel en als een gentleman, terwijl Minao niet echt de moeite deed om zijn veters te strikken of zijn jasje dicht te knopen. Toen ze om zich heen keken zagen ze alleen maar kinderen. Plotseling begreep Minao het. 'Rai, de ouderen zijn weg...' Rai keek hem verschrikt aan. 'Koning winter!'  De twee jongens renden het plein op van het koningshuis waar de andere nobelen al aan het vergaderen waren. 'Rai! Jij bent momenteel de oudste, neem de leiding in het plan!' Werd er geschreeuwd door de partijen van de lente en de zomer. 'De zwakkelingen' hoe Rai ze altijd noemde. Herfst was het niet zo eens met deze beslissing. Uiteindelijk besloten ze akkoort te gaan met het plan dat Rai en nog een meisje van Herfst de boel zouden leiden. 'Jongens, neem allemaal even een bol mee voor de communicatie!' Rai toverde een sneeuwbol, en enkelen deden het na. Tot de verbazing van een Minao, lukte het een hele hoop elven niet. Minao probeerde het, en gelukkig kon hij het nog. De bedremelde elfen kregen een bol van hun stamgenoten, maar uedereen had nu wel door dat er iets niet in de haak was. Minao liep naar het grote plein, maar de elfen werden niet stil. Hij zuchtte, sloot zijn ogen en zette zijn handen op elkaar. Plotseling vormde uit de grond een onwijs grote middelvinger van ijs, en eindelijk werden ze stil. 'Okay, great...' En Minao begon zn toespraak.

--

Sidenote; this sucks ahahaha ik wist niet echt veel dingen met zn character
Demish
Internationale ster



Dit was teveel om in één keer door te hebben, om het allemaal te begrijpen. De ouderen waren weg, zijn magie deed het wel, maar die van Meadow deed het blijkbaar niet. Oh, en ze moesten naar het plein voor het paleis voor een registratie. Een registratie van wat? Wie er nog waren, wie nog wel de te gebruiken? Het waren een hoop dingen en Jeray snapte er niet veel van, maar hij wist dat hij op dit moment niet heel erg veel keuze had en gewoon naar het plein zou moeten gaan, of hij dat nou wilde of niet. Als hij niet zou gaan, zouden ze vanzelf wel aan zijn deur kloppen en het liefst wilde hij weer terug zijn bed in, dus hij kon maar beter zo snel mogelijk doen wat er van hem werd verwacht.

Zuchtend liep hij naar de kast, waar hij zijn kleding uit trok. Een donkerbruine broek, met een wit, loszittend shirt. Hij wisselde het om voor de pyjama waar zijn lichaam zich nu nog in bevond en hij trok nog een paar schoenen aan. Meadow had in al die tijd stilletjes toe gekeken hoe hij zich om had gekleed, maar het had hem vrij weinig geboeid. Hij was te moe om zijn energie al zo goed te verdelen op de ochtend en nu was hij voornamelijk bezig met het feit dat er iets aan de hand was, iets wat er voor zou kunnen zorgen dat Avalon ten onder zou gaan. De oudere elven waren de meest wijze elven, zij hadden de meeste ervaring, de beste magie. Als zij er niet waren, wie zou dan degene zijn die de leiding zou nemen? Ongetwijfeld een winter, want de winterelven waren het meest belangrijk.

‘Wat?’ vroeg hij aan Meadow, wie hem nog steeds aanstaarde.

‘Niets, niets.’ Ze haalde onverschillig haar schouders op en draaide zich om, maar niet snel genoeg om haar rode wangen voor Jeray te kunnen verbergen. Hij haalde enkel zijn schouders op en liep als eerste naar buiten, waar het nog altijd een chaos was. Nu was het echter zo, dat een grote groep elven richting het winterpaleis liep, om zich daar op het plein te verzamelen. Jeray mengde zich, samen met Meadow, in de groep. Ondertussen keek hij om zich heen. Hij zag jongere kinderen, maar ook een paar van vijftien, zestien. Zelf was hij achttien en tot nu toe had hij nog niet veel gezien die ouder dan dat waren. Wat betekende het eigenlijk dat alle “ouderen” weg waren. Bij de ouderen dacht Jeray al snel aan zijn ouders, of misschien nog wel ouder dan dat. Toch waren er voornamelijk kinderen om hem heen, tieners.

Uiteindelijk kwamen ze aan op het plein en aan het begin stonden al een paar lente-elven, duidelijk een paar van de ouderen, nou ja, ze waren eigenlijk niet veel ouder dan Jeray zelf, maar voor zover hij wist, was achttien het oudste wat hij hier tegen kon komen.

‘Het is de bedoeling dat iedereen bij zijn eigen groep aansluit. Lente is links, zomer midden-links, herfst midden-rechts en winter helemaal rechts,’ vertelde één van de lente-elven. Het leek erop dat hij bezig was geweest met zijn training om een bewaker te worden, maar nu stond hij hier de weg te wijzen voor de andere elven. Jeray had altijd medelijden gehad met de lente-elven. Ze werden behoorlijk onderschat, in zijn ogen.

Met een zucht nam Jeray plaats bij de groep waar hij zelf thuishoorde, de herfstelven. Hij vouwde zijn handen voor zijn lichaam en hij probeerde toe te kijken hoe het er voor in de rij aan toe ging. Het ging hem nog redelijk goed af, omdat hij wat groter was dan de rest van de elven die in de rij stonden. Hij zag hoe er een naam werd geregistreerd, vervolgens leek het erop dat iemand een daad van magie moest laten zien, om te bewijzen of hij wel kon toveren, of niet. Bij de meeste gevallen was dat niet het geval. Zelfs toen Jeray bijna niet vooraan stond, was er nog niemand geweest die zijn magie had kunnen laten zien. Heel even twijfelde hij, of hij het wel moest laten zien. Aan de andere kant, als dit echt een ramp was, dan zouden ze zoveel mogelijk magie kunnen gebruiken, toch? Daarbij was liegen tegen een winterelf nou niet echt iets wat hoog op zijn lijstje stond.

‘Naam,’ zei het meisje dat voor de tafel stond, zonder naar hem op te kijken. ‘Jeray Tamani,’ liet hij haar weten en ze knikte, waarna ze het opschreef op een stuk papier.

‘Leeftijd?’ Nog steeds waren haar ogen gefixeerd op het papier. ‘Achttien,’ antwoordde hij.

Het meisje knikte en keek voor de eerste keer op. ‘Magie?’

Blijkbaar was dat het enige wat ze hoefde te vragen, of ze had er gewoon geen zin meer in, aangezien een hoop elven tot nu toe al hadden gefaald.

Jeray knikte en keek om zich heen. Hij wilde niet iets doen wat te opvallend was, wat er voor zou zorgen dat het hele plein opeens weg zou waaien door een herfstachtige storm. Daarom koos hij voor wat anders. Met een simpele handbeweging haalde hij een klein, grijs wolkje uit de lucht en liet hij die naast zich zweven. Met een knip in zijn vingers verschenen er regendruppels uit de wolk.

Het meisje, duidelijk verbaasd dat iemand magie had, boog zich weer over het papier. ‘Ik wil je vragen om plaats te nemen voor het paleis.’

Jeray zijn ogen gleden naar de voorkant van het paleis, waar een kleine groep elven stond, allemaal gemengd van groep. Hij knikte naar het meisje en liep vervolgens richting de groep. Veel waren het er tot nu toe niet. Nog geen twintig. 

Plaats een reactie
Reageer
Om nieuwe berichten te laden: ingeschakeld